Rode wijn

Dat voedingsstoffen een belangrijke rol kunnen spelen in de preventie van (degeneratieve) ziekten wordt steeds duidelijker. In de reguliere geneeskunde is daar helaas nauwelijks plaats voor. In de complementaire geneeskunde daarentegen is de belangstelling voor voeding en voedingssupple-menten groot. Gelukkig zien we dat de belangstelling voor voeding in relatie tot ziekten in de reguliere geneeskunde toeneemt. Dat bleek wel tijdens het 1ste symposium dat was georganiseerd door het Nederlands Nutriceutisch Genootschap dat  plaatsvond in het auditorium van het AMC te Amsterdam. Hier spraken o.a. Prof. Dr. A. Bast en Prof. Dr. P.G. Hugenholtz over het belang van antioxidanten.

Antioxidanten in de voeding: zin of onzin?

Prof. Dr. A. Bast,

Vakgroep Farmacologie en Toxicologie, Universiteit van Maastricht. Volgens Prof. Bast is bovenstaande vraag eenduidig te beantwoorden: anti-oxidanten in de voeding zijn van eminent belang! Ze gaan oxidatie tegen en daarmee wordt bederf van voedsel tegengegaan. Een appel wordt bruin zodra deze zijn eigen natuurlijke anti-oxidanten heeft opgebruikt. En vetten worden ranzig. Als de hoeveelheid natuurlijke antioxidanten in de voeding ontoereikend is voegen we zelfs (synthetische)  antioxidanten in vorm van conserveermiddelen toe.

Totale oxidatie in de cel voorkomen?
De poging om tot volledige remming van oxidatie werd wel gedaan door de toepassing van enkelvoudige antioxidanten zoals vitamine E en C en bètacaroteen in hoge doseringen. Zij zouden tegen allerlei oxidant-gemedieerde ziekten moeten beschermen door de oxidatie volledig te blokkeren. Evenwel bleek dit minder eenvoudig dan aanvankelijk werd aangenomen. En dat is ook wel logisch gezien het feit dat allerlei fysiologische processen juist afhankelijk zijn van oxidanten zoals radicalen. Zo zijn NADPH-oxidases (nicotinamide-adenine-nucleotide-fosfaat) op fagocyterende cellen bij de afweer betrokken. In gladde spieren (o.a. bloedvaten) spelen oxidanten een regulerende rol. Bij de afbraak van xenobiotica worden oxidanten gebruikt. Verder spelen radicalen een cruciale rol in cellulaire signaaltransmissie. Het willekeurig aspecifiek afvangen van deze oxidanten kan dus nadelig uitpakken. Antioxidanten (zowel enzymatische als niet-enzy-matische) bieden een netwerk van bescherming. Ze beschermen in samenspel met elkaar. Een enkelvoudige, hoog gedoseerde antioxidatieve component kan dit netwerk verstoren.

Hoge radicaalvorming en ouderdomsziekten

Verschillende ouderdomsziekten zijn zeer duidelijk geassocieerd met een te hoge radicaalvorming. Bescherming met antioxidanten is dan gewenst. Het wordt steeds duidelijker dat fysiologische bescherming door antioxidanten niet alleen afhankelijk is van de directe antioxidatieve eigenschappen. Veel antioxidanten vertonen een sterke anti-inflammatoire activiteit. Juist in chronische ziekten speelt een ontstekingscomponent vaak een rol. Remming hiervan kan een gunstig effect opleveren. Deze remming moet dan niet geschieden door een enkele antioxidant hoog te doseren, maar vooral gebruik te maken van een complex van antioxidanten waarbij verstoring van het evenwicht in het netwerk wordt voorkomen. In onderzoek moet de nadruk komen te liggen op het begrijpen van de moleculaire werking van antioxidanten, waardoor de toepassing ervan in de voeding kan worden geoptimaliseerd.

Jeffrey Bland, Ph.D., voedingskundig biochemicus, stelde in de jaren negentig al: “Eén antioxidant is geen antioxidant”. Antioxidanten werken met elkaar samen en vormen a.h.w. cascades waarin ze elkaar opvolgend in stapjes een vrije radicaal onschadelijk kunnen maken.

De rode wijnhypothese: waar of niet waar?

       Arteriosclerose en de daaropvolgende myocardinfarcten of cva’s vormen nog steeds een groot probleem, ondanks alle inspanningen om deze volksvijand nr. 1 uit te bannen. En legt een steeds groter beslag op het budget van de gezondheidszorg. Door kostbare ingrepen als bypasschirurgie en het plaatsen van stents e.d. is de mortaliteit weliswaar afgenomen, maar de ziektelast is niet verminderd. Het aantal patiënten met arteriosclerose neemt nog steeds toe en door verbetering van de diagnostiek wordt de aandoening op steeds jongere leeftijd vastgesteld. Hierdoor wordt de groep patiënten met een overigens asymptomatische, maar wel bestaande ziekte alsmaar groter.

Preventieve maatregelen

       Het is begrijpelijk dan overheden preventieve maatregelen bepleiten waarmee dit ziekteproces aangepakt zou kunnen worden waar het begint: in de vaatwand. Veranderingen in leefstijl, voeding en medicamenteus ingrijpen hebben evenwel niet veel opgeleverd.

“Fout” cholesterol

       Lang heeft het accent gelegen (en ligt nog steeds) op de rol van “fout”(LDL) cholesterol en de bestrijding hiervan met voedingsadviezen en cholesterolverlagende medicatie (statines). Sommigen denken met statines de epidemie te kunnen beteugelen. Peter Libby, een topautoriteit op dit gebied, wees er in 2005 al op dat toch nog 65% van alle cardiovasculaire gebeurtenissen optraden bij optimaal behandelde patiënten. Dus ondanks de succesvolle verlagingen van het cholesterol.

Nieuwe inzichten

       De kennis over de pathofysiologie van arteriosclerose is de laatste tijd toegenomen en biedt nieuwe mogelijkheden tot vroegtijdig ingrijpen. Sinds 2000 is de rol van immunologische- en ontstekingsfactoren duidelijker gewor-den. Dit heeft geleid tot het inzicht dat plaquevorming en obstructie van de vaten het gevolg zijn van een verstoord functioneren van het endotheel. D.w.z. een verstoring in de aanmaak van de cytokines en de enzymen die de bloeddoorstoming in het vaatstelsel reguleren. De basis van dit  disfunctioneren blijkt een chronisch ontstekingsproces te zijn dat samenhangt met een tekort aan bepaalde micronutriënten in de voeding, de polyfenolen.

De Franse paradox

       Al in 1992 beschreven Renaud & De Lorgeril al dat bevolkingsgroepen die regelmatig rode wijn dronken nauwelijks last hadden van arteriosclerose, ondanks een overvloedig vetrijk voedingspatroon. Dit werd de “Franse paradox” genoemd. Om dit effect te bereiken zouden dagelijks rode wijn van bepaalde druiven moeten worden gedronken. Vanuit een breder gezondheids-perspectief kan dit vanwege de alcohol problematisch zijn. Hoewel men in het begin vermoedde dat ook de alcohol hierin een gunstige rol toe te bedelen was, blijkt na onderzoek dat het effect te verklaren is door de talloze polyfenolen uit de schillen, pitten en takjes (de maîche) van de druiventrossen.

Wijn of supplementen?

       Het is gebleken dat vooral de rode wijn uit de Bordeauxstreek die gemaakt is van de Merlotdruif veel polyfenolen bevat. De aanbeveling om 2 glazen rode wijn per dag te drinken is dan ook gauw gedaan. En daar is niets op tegen als men het hier bij houdt en er geen gezondheidsbelemmeringen zijn om dit te doen. Als die belemmeringen er wel zijn (leveraandoeningen, alcoholisme, e.d.), dan kan men tegenwoordig eenvoudig gebruik maken van supplementen. Hierdoor kan men wel gebruik maken van de voordelen die de polyfenolen blijken te hebben als ontstekingsremmers, zonder dat men wordt opgezadeld met een ongewenste hoeveelheid alcohol. En er zijn natuurlijk ook mensen die gewoon niet van rode wijn houden.

Biomarkers

            In het AMC is recent een studie uitgevoerd (PRIME-studie) met een concentraat van de maîche van rode druiven dat rijk is aan polyfenolen. In deze eerste prospectieve, gerandomiseerde en placebogecontroleerde studie is gekeken naar het effect van polyfenolen op de vroege biomarkers van arteriosclerose.

Polyfenolen: meer dan alleen rode wijn

            De lezing van Prof. Hugenholtz spitste zich voornamelijk toe op de beschermende rol van de polyfenolen uit rode wijn (o.a. OPC en resveratrol). Er zijn inmiddels honderden polyfenolen ontdekt en in kaart gebracht. Polyfenolen komen in heel veel uiteenlopende planten en vruchten voor. Bekende bronnen zijn o.a. granaatappel, blauwe bosbes, (groene) thee, cacao en olijfolie. Het lijkt er ook hier op dat het niet gaat om een enkele polyfenol, maar om een brede mix van polyfenolen die allemaal in min of meerdere mate een beschermende rol spelen m.b.t. inflammatoire processen die ten grondslag kunnen liggen aan degeneratieve processen die leiden tot b.v. arterioslerose en de daarop volgende problematiek van myocardinfarcten en cva’s.

  1 comment for “Rode wijn

  1. Jettie Krebbers
    28 juni 2014 om 23:41

    Dit is een mooi helder stuk, breed in de voeding zijn de resultaten te halen denk ik.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: