Misselijk

Maag en darmen in balans met Iberogast!

Maag- en darmproblemen kunnen je dagelijkse leven behoorlijk be√Įnvloeden. Maagklachten zoals maagpijn, maagzuur, een vol gevoel, maag- darmkrampen en misselijkheid komen vaak voor, veelal in combinatie. Het is belangrijk dat je maag en darmen in balans blijven. Iberogast is een geregistreerd geneesmiddel op basis van natuurlijke ingredi√ęnten dat kan helpen om je maag- en darmproblemen onder controle te krijgen.
Iberogast is verkrijgbaar bij apotheek of drogist

Zijn jouw maag en darmen in balans?

Alles wat je eet en drinkt gaat via de slokdarm naar je maag en je darmen. In je maag wordt het voedsel verteerd alvorens het naar je darmen gaat. Je maag en darmen doen dus veel werk en kunnen ook voor diverse klachten zorgen.
Maag- en darmklachten zijn in veel gevallen een kettingreactie, bijvoorbeeld de klachten ontstaan na het eten, of door stress en drukte.

De meest voorkomende maag- en darmklachten als gevolg van een kettingreactie gaan vaak gepaard met:

  • Maagzuur
  • Misselijkheid
  • Vol gevoel
  • Maagpijn
  • Maag- en darmkrampen

Deze klachten zijn veelvoorkomend en hebben te maken met je verstoorde maagbalans (dyspepsie). Ze zijn meestal te verhelpen door kritisch te zijn op wat je eet en drinkt. In sommige gevallen blijven de klachten. Iberogast is een doeltreffend geneesmiddel bij maag- en darmklachten dat verkocht wordt bij de drogist en apotheek en kan bijdragen de maagbalans weer te herstellen.

Magnesium

Belangrijkste eigenschappen van Magnesium-400

  • Uitgebalanceerde mix van organisch en anorganisch gebonden calcium en magnesium
  • Goed voor de bloeddruk en de bloedcirculatie
  • Magnesium is een aanvulling bij inspanning en stress-situaties
  • Hoge dosering magnesium (400 mg) in √©√©n tablet
  • Magnesium speelt een rol bij zowel spierkracht als spierontspanning
  • Magnesium is van belang voor de botstructuur als onderdeel van hydroxyapatiet, de mineraalstructuur van het botweefsel
  • Magnesium speelt een belangrijke rol in het koolhydraatmetabolisme
  • Bevat ook zink; een belangrijk bestanddeel van botweefsel
  • Bevat tevens selenium; een belangrijke antioxidant

Wil je op de hoogte blijven van de laatste ontwikkelingen op het gebied van orthomoleculaire geneeskunde, ga de Facebook pagina dan  liken.

Overgevoeligheid

Bij twijfel aan overgevoeligheid

Veel mensen kunnen overgevoelig zijn zonder dit te weten of dat dit nog niet tot uiting is gekomen. Er zijn kenmerken op het gelaat die u kunnen waarschuwen:

Donkere kringen onder ogen.
Wallen (vochtretentie) onder ogen.
Verkleuring van huid door zwellen van weefsel rond neus.
Geirriteerd oogbindvlies.
Rode randen rond ogen, tranende ogen, jeukende ogen.
Lange zijdeachtige wimpers.
Geleiachtig oogsmeer in de ooghoeken.
Zenuwtrekjes oogleden.
Prikkelbaarheid, oorsuizen. lichte doofheid, holteontstekingen, migraine.
Plooi over middenneus. Vaak rood/roze.
Trekken met de neus.
Met hand vaak langs de neus vegen.
Diepere neuslippenplooi dan normaal.
Uitslag rond de mond/aphten, verergeren met de menstruatie.
Jeukende huiduitslag.
Huidontstekingen
Stuwing in bloedvaten(tele s).
Ontsteking lipslijmvlies.
Overgevoeligheid voor de zon (blaasjes).
Opgeblazen.

Hypoglycemie

Wat is hypoglykemie ?

Hypoglykemie (hypoglycaemie) betekent een verminderde (hypo) hoeveelheid glucose in het bloed ofwel een te laag bloedglucosegehalte (bloedsuikergehalte).
De hoeveelheid glucose in een bepaalde hoeveelheid bloed, uitgedrukt in millimol per liter (mmol/l), vormt de bloedglucosespiegel (ook wel bloedsuikerspiegel). De bloedglucose-spiegel bij gezonde volwassenen is gemiddeld 5 mmol/l bloed. De nauwe grenzen waartussen de bloedglucosespiegel zich gewoonlijk beweegt, liggen tussen 8 mmol/l en 4 mmol/l. De bloedglucosespiegel komt zelden boven 9 mmol/l en zelden beneden 4 mmol/l. De bloed-glucosespiegel begint gewoonlijk 15 minuten na de maaltijd te stijgen en bereikt zijn piek 45 tot 90 minuten na de maaltijd. Drie uur na de maaltijd is de bloedglucosespiegel meestal weer op peil.

Hypoglykemie komt voor bij mensen met suikerziekte (Diabetes Mellitus) die naar verhouding meer insuline (blz. 2) spuiten dan nodig is voor de hoeveelheid glucose die uit de koolhydraten van de maaltijd gevormd is. Het komt ook voor als gevolg van ziekten met een gestoorde hormoonhuishouding en bij aandoeningen aan de alvleesklier waarbij teveel insuline geproduceerd wordt. In het laatste geval spreekt men van hyperinsulinisme.
Hypoglykemie ten gevolg van een onderliggende aandoening als suikerziekte of een maagoperatie wordt in dit hoofdstuk niet besproken.

Hypoglykemie wordt in dit hoofdstuk beschreven als een lichamelijke situatie waarbij de bloedglucoseregulatie gestoord is. Deze vorm van hypoglykemie wordt ook wel reactieve hypoglykemie genoemd. Hypoglykemie kan ook voorkomen bij mensen met een allergie, bij systemische candidiasis (Candida syndroom) en zwangere vrouwen. De klachten van hypoglykemie worden veroorzaakt door een (te sterke) daling van, of sterke schommeling van, de bloedglucose-spiegel.

In dit hoofdstuk wordt hypoglykemie met name belicht vanuit de inzichten van de orthomoleculaire voedingsleer 1, aangevuld met informatie over de glykemische index van voedingsmiddelen. De glykemische index geeft inzicht in de effecten van (het nuttigen van) afzonderlijke voedingsmiddelen op het bloedglucosegehalte.

1 de orthomoleculaire geneeskunde baseert zich op voedingswetenschap en streeft naast gezonde voeding het lichaam een optimale hoeveelheid en samenstelling van voedingsstoffen te geven. De lichaamscellen kunnen zo in een optimaal biochemisch milieu werken en een optimale weerstand opbouwen.
Hoe blijft de bloedglucosespiegel op peil ?
Hypoglykemie

Hyperactief

 

Hyperactiviteit bij kinderen

 

Hyperactiviteit is een verzamelnaam voor tal van symptomen die hun oorsprong vinden in een disbalans in de aanmaak van sympatische- en parasympatische neurotransmitters. De meest voorkomende symptomen zijn: slaapstoornissen, driftbuien, agressief gedrag, spraakstoornissen, onwillekeurige spierspanningen (tics), depressies en leerstoornissen.

Neurotransmitters

Neurotransmitters zijn hormoonachtige stoffen, die veelal in het centrale zenuwstelsel (hersenen) worden aangemaakt en daar actief zijn. De aanmaak van neurotransmitters is mede afhankelijk van de beschikbaarheid van grondstoffen. De belangrijkste grond-stoffen zijn de aminozuren glutamine, GABA, taurine, tyrosine en fenylalanine. Co-factoren, die ervoor moeten zorgen dat de daadwerkelijke omzetting in neurotransmitters plaats vindt en die onmisbaar zijn, zijn een aantal B-vitaminen (vooral in co-enzymatische vorm), fosfatidyl-choline, magnesium, mangaan en zink.

De oorzaken

De oorzaken van hyperactiviteit worden gezocht in beschadigingen van het centraal zenuwstelsel (MBD), stofwisselingsstoornissen, voedselintoleranties, bloedsuikerspiegel-problemen (hypoglycaemie) en allergische reacties.

Optimale behandeling van hyperactiviteit bestaat uiteraard uit het wegnemen van de oorzaken. In een aantal gevallen is het wegnemen van de oorzaken niet eenvoudig; soms zelfs onmogelijk. Symptoombestrijding kan in deze gevallen (tijdelijk) een uitkomst bieden.

*            Beschadigingen van het centrale zenuwstelsel (CZ) zoals MBD (minimal brain damage/dysfunction/deficiency, hyperkinesis) en gevolgen van een trauma, kunnen over het algemeen niet of nauwelijks verholpen worden. Indien deze beschadigingen leiden tot een veranderd metabolisme van de grondstoffen van neurotransmitters, kan suppletie met deze grondstoffen zinvol zijn. Stimulering van de doorbloeding van de hersenen (Ginkgo Biloba) kan ondersteunend werken.

*¬†¬†¬†¬†¬†¬†¬†¬†¬†¬†¬† Stofwisselingsstoornissen, zoals de opname door de spijsvertering van onder ‘neurotransmitters’ genoemde voedingsstoffen, kan door aanpassing van de voeding en verbetering van de spijsvertering verholpen worden. Intolerantie (zie aldaar) kan √©√©n van deze stoornissen zijn. Verstoorde aanmaak van deze stoffen door het lichaam zelf is vaak erfe-lijk bepaald en moeilijk te herstellen. Suppletie van voedingsstoffen die door de verstoorde stofwisseling niet opgenomen kunnen worden kan een uitkomst bieden.

*            Voedselintoleranties kunnen leiden tot allergische reacties (zie aldaar) of, door eliminatie van het betreffende voedingsmiddel, tot voedingstekorten van belangrijke voedings-factoren. Indien de oorzaak van een intolerantie door reparatie van het enzymdefect niet kan worden weggenomen, kan suppletie van het betreffende enzym en suppletie van het ontstane voedingstekort een oplossing zijn.

*            Hypoglycaemie is geen directe oorzaak van hyperactiviteit. Een lage of sterk wisselende bloedsuikerspiegel, met name in de hersenen, zal de behoefte aan suiker(s) doen toenemen en kan een suikerverslaving veroorzaken. Suiker is een van de stoffen waarop vaak allergisch gereageerd wordt (zie aldaar). Het aminozuur glutamine is de enige voedingsstof die rechtstreeks de bloed-hersenbarrière kan passeren en direct als brandstof door de hersenen gebruikt kan worden. Glutamine wordt vaak ingezet ter bestrijding van hypoglycaemie en suikerverslavingen. Hypoglycaemie en een sterk wisselende bloed-suikerspiegel worden in het algemeen door dieetmaatregelen (minder suikers en stimulantia en meer voedingsvezels) en inname van extra chroom en zink behandeld.

*            Allergische reacties kunnen tal van symptomen oproepen. Een daarvan is hyperactiviteit een symptoom dat met name bij kinderen voorkomt. De meest voorkomende allergenen bij hyperactiviteit van kinderen zijn suiker(s) en lichaamsvreemde stoffen (additieven, met name AZO-kleurstoffen). Het ontdekken van het allergeen is vaak niet eenvoudig. Allergenen uit de voeding kunnen onder meer door huidtesten, RAST-, IgE- en spierspanningstesten, eliminatie-, rotatie- en Feingolddieeten en provocatie/tolerantie testen vastgesteld worden.

Moeilijk aan te tonen allergenen uit de omgeving zijn bijvoorbeeld formaldehyde uit meubelen, chloor in zwembaden, oplosmiddelen uit kleurkrijtjes op school, textielvezels van kleding en beddegoed, elektromagnetische straling van apparaten of hoogspanningsmasten, geurassociaties en inhalatie van benzinedampen.

Eliminatie van het allergeen (indien mogelijk) zal uiteraard de symptomen van een allergische reactie doen verdwijnen.

De werkelijke oorzaak van een allergie moet gezocht worden in een overbelasting van en/of het defect aan het immuunsysteem. Het vermijden van alle factoren die het immuunsysteem belasten is aan te raden (stress, slaaptekort, zware metaalbelasting, lichaamsvreemde stoffen in de voeding of omgeving, belastende voedingsmiddelen, straling). Het functioneren van het immuunsysteem is afhankelijk van een aantal voedings-factoren (anti-oxidant vitaminen, aminozuren en mineralen) en de aanmaak van enzymen (SOD, catalase, glutathion).

Goede voeding, eventueel aangevuld met een anti-oxidantcomplex, bevat deze factoren en kan de aanmaak van genoemde enzymen ondersteunen.
Natuurlijke symptoom bestrijdende middelen zijn ondermeer vitamine C, quercetine en het kruid Scutellariae (anti-histamine eigenschappen), glutamine (suiker- en alcohol-verslaving) en GABA (hyperactiviteit).

 

Samenvatting
Hyperactiviteit bij kinderen is meestal een symptoom van een allergische reactie.Een allergie duidt altijd op een defect aan het immuunsysteem.
Het opsporen en vermijden van het allergeen is niet in alle gevallen mogelijk en neemt niet de oorzaak van de allergie weg.
Algehele versterking van het immuunsysteem, ondersteund met het vermijden van alle belasting van het immuunsysteem, kan een allergie doen verdwijnen.
Het met natuurlijke middelen verlichten van de symptomen, kan bij histamine-afhankelijke reacties door extra inname van vitamine C en quercetine geschieden. Kalmerende werking in het algemeen

 

Hoe lang duurt een therapie

De therapie bestaat uit:

  • Kruiden; ¬†phytotherapie
  • Voeding,¬†de nieuwste ontwikkelingen vindt je op de volgende site:
  • Orthomoleculaire geneeskunde
  • Bioresonatie

 

De humoraaldiagnostiek volgens dr. Reckeweg en Rauch m.b.t. het gezicht

De humoraalpathologie geeft ons informatie over de belasting van afvalstoffen in bloed en lymfe, waardoor onze weefsels, organen en cellen belast worden. Ons lijf heeft ook vele reaktievormen om afvalstoffenop een natuurlijke wijze op te ruimen, deze uitscheidingsreakties zijn terug te vinden in de eerste 3 fasen van de humoraalpathologie zoals dr. Reckeweg dat indeelt, we vinden dit schema op de volgende bladzijde.

Met name goede observaties van het gezicht t.a.v. de huid geeft ons snel een inzicht in de wijze waarop het lichaam instaat is tot reageren.
fase 1: de uitscheidingsfase: we zien dan natuurlijke uitscheidingen zoals:

  • transpiratie,
  • ¬†talgafscheidingen,
  • acne,
  • schilfers/roos,
  • slijm, snot,
  • tranen

fase 2: de reactiefase:  het lichaam wordt geprikkeld op een natuurlijke wijze afvalstoffen op te ruimen, dit mag nooit onderdrukt worden.

  • huiduitslag,
  • acne met ontstekingen
  • impetigo,
  • steenpuisten,
  • exzeem,
  • koorts.

fase3: de depositiefase: afval stoffen worden in het bindweefsel opgeslagen, ( weinig opvallendestorende klachten),

  • zwellingen en wallen,
  • pigmenteringen, verkleuringen,
  • verhardingen ,
  • eeltvormingen

—————————————————de biologische scheidingslijn———————————————

 fase 4: de impregnatiefase: afvalstoffen tasten de celstruktuur aan zoals:

  • couperose (belasting van de kleine bloedvaatjes),
  • melanose (verdonkerde verheven pigmentvlekken in het gezicht),

fase 5: de degeneratiefase: celstrukturen in het gezicht wijzigen,

  • psoriasis, woekering van huidcellen.
  • poliepen, cellen houden zich niet meer aan grenzen.
  • akramegalie, vergroting van lichaamsuiteinden, cellen zijn verstoord

fase 6: neoplasmafase: woekering en nieuwvormingen van cellen,

  • gezwellen (goedaardige alswel kwaadaardige gezwellen)
  • melanomen (kwaadaardige pigmeteringen).
  • Bij de natuurgeneeskundige diagnose is een observatie van de konditie van de huid essentieel.

HOE LANG DUURT DE THERAPIE

fase 1: 1 maand
fase 2: 2maand
fase 3: 3maand
fase 4: 6 Р12 maanden
fase 5: 1 Р3 jaar
fase 6: 5 jaar (niet vanuit gaan)
Algemeen kan gezegd worden 10 jaar last 1 jaar therapie.

Chakra’s

De Chakra’s de energiecentra van het lichaam

1e chakra, Muladhara
Het materi√ęle, het fysieke bestaan, levenskracht, de lichamelijke wil tot ‘er durven zijn’, bestaan en overleven horen bij het Ie chakra. Verbondenheid met eten drinken, veiligheid, geld en werk. In zijn meest primitieve vorm uit dit chakra zich in vechten en vechtsport, geweld, lawaai, doelloze opstapeling van bezit, het weinig genuanceerd denken over anderen, het splitsen in goed en slecht. Is het chakra uit balans dan staat men niet met beide benen op de grond, is er angst, vermoeidheid en uitputting, moeite hebben met de fysieke realiteit. Een vrije energiestroming leidt tot bijna onuitputtelijke werkkracht en grote geestelijke en lichamelijke stabiliteit, een solide uitstraling en betrouwbaarheid. Het eerste chakra wordt ook wel het stuitchakra genoemd, het is gelokaliseerd tussen anus en geslachtsdelen. Het staartbeen en het onderste deel van het heiligbeen zijn ermee verbonden.

2e chakra Swadhisthana
Intimiteit, relaties, sexualiteit, creativiteit zijn kernwoorden voor dit chakra. Vloeiende en golvende beweging, handelen, ruilen, en het woord ‘lekker’ horen hierbij. Jaloezie, ongeremde begeerte, angst voor de eigen seksualiteit, angst voor intimiteit, gebrek aan creativiteit en scheppende energie zijn tekenen van gebrek aan evenwicht. Kunnen delen, harmonie in relaties, gemakkelijk en ongedwongen fysiek kontakt, vloeiende bewegingen, aantrekkelijkheid, kenmerken de openheid. Het tweede chakra wordt ook wel sexchakra genoemd. Het bevindt zich tussen schaambeen en navel. Het bovenste deel van het heiligbeen tot aan de tweede lendewervel is het ermee verbonden deel van de wervelkolom.

3e chakra Manipura
De verbinding tussen het zelf en de wereld, vormgeven van het bestaan, de relatie tussen denken en voelen staan centraal in dit chakra. Geldingsdrang, eigenwijsheid, rebellie zijn tekenen van een gebrek aan evenwicht. Het vermogen tot leiding geven, organiseren en een natuurlijk overwicht kenmerken de openheid. Het derde chakra bevindt zich ter hoogte van de middel, bij de maag. Dat gebied wordt ook wel solar plexus genoemd. Van de wervelkolom zijn de tweede lendewervel tot en met de tiende borstwervel ermee verbonden.

4e chakra Anahata
Dit chakra is het verbindingspunt tussen de onderste drie chakra’s, de stoffelijke wereld, het lichaam, en de bovenste drie chakra’s, de mentale spirituele wereld, de geest. Liefde, overgave, vereniging en zelfrealisatie staan centraal in dit chakra. Gebrek aan evenwicht uit zich in zelftwijfel, problematisch gevoelsleven, problemen met vriendschappen en relaties, wantrouwen, strijd tussen lichaam en geest. Openheid, spontaniteit, hartelijkheid en warmte zijn tekenen van evenwicht. Het vierde chakra wordt ook wel het hartchakra genoemd. Aan de voorzijde van het lichaam ligt het centrum ervan tussen de tepels. Het gebied strekt zich uit tussen het punt 4 centimeter onder het borstbeen tot enkele centimeters onder het kuiltje van de hals. Op de wervelkolom ligt het tussen negende en derde borstwervel.

5e chakra Vishuddha
Expressie, spreken, intu√Įtief weten, staan centraal in dit chakra. Moeite hebben om met anderen in kontakt te treden, geen vorm geven aan creativiteit, je anders voordoen dan je bent, te veel ‘slikken’ van je omgeving, proberen alles logisch te verklaren en/of tot technieken terug te brengen, duiden op moeilijkheden. Zich uiten door waarheid, wijsheid en logica, bijvoorbeeld in het onderwijs zijn tekenen van openheid. Het vijfde chakra wordt ook wel het keelchakra genoemd. Het centrum ligt onder in de keel. Aan de voorzijde van het lichaam: bovenste deel van het borstbeen en de hele hals. Op de rug: de bovenste twee borstwervels en alle halswervels

6e chakra Ajna
Verstand, inzicht, bezinning, meditatie, occulte kennis zijn de kernwoorden voor dit chakra. Is dit chakra uit balans dan uit zich dat in negatieve toekomstverwachtingen, een warrige geest en het sluiten van de ogen voor de lessen van het leven. Helderziendheid- intu√Įtie, het voorzien en voorvoelen van dingen zijn tekenen van openheid. Het wordt ook wel het derde oog genoemd. Het centrum van het zesde chakra ligt iets boven het punt tussen de beide wenkbrauwen. Het strekt zich uit in het gebied van de binnenooghoek tot aan het.punt halverwege het voorhoofd. Op de schedelligt het op het achterhoofdsbeen (os occipitale).

7e chakra Sahasrara
Verbondenheid met de hoogste waarheid, spiritualiteit en meditatie horen bij dit chakra. Onevenwichtigheid uit zich in angst voor of verzet tegen het realiseren van de spirituele mogelijkheden, het hechten aan het materi√ęle, het ontbreken van spirituele energie. De uitstraling van scheppingsdrang, kosmische eenheid getuigen van openheid van dit chakra. Het wordt ook wel het kruinchakra genoemd, het bevindt zich bovenop het hoofd. Het centrum is de achterste van de twee fontanellen bovenop het hoofd. Het verbonden gebied is het schedeldak (os parietale).

Tea tree

Teatree

Melaleuca alternifolia

Mirteachtigen (Myrtaceae)

Australi√ę

Tea tree is een essenti√ęle olie, die verkregen is via stoomdestillatie van de bladeren en jonge twijgen. Het is een zuivere essenti√ęle olie met EKO kwaliteit, onbewerkt en zonder toevoegingen.

Tea tree EKO is verkrijgbaar in een verpakking van 7 en 20 ml.

Karakteristiek

De Melaleuca alternifolia of teatree is lid van een familie die meer dan 150 verschillende soorten altijdgroene bomen en struiken omvat. Ze komen alleen voor op het Australische continent en worden veel gekweekt voor hun prachtige gekleurde bloemen. De tea tree is een struik of kleine boom tot 7 meter hoog met een papierachtige schors en lancetvormige blaadjes. In het voorjaar bloeien de kleine witte bloemaren, gevolgd door houtige zaadpeulen. De boom komt voor in het noorden van New South Wales en het zuiden van Queensland. Tegenwoordig is de meeste olie afkomstig van plantages.

De kwaliteit van de tea tree olie staat onder toezicht van de Australische regering. Een eis is o.a. dat tea tree olie meer dan 30 % terpineol-4 en minder dan 15 % cineol bevat. De eigenschappen en toepassingen in deze bijsluiter zijn gebaseerd op de CHI tea tree met minder dan 4 % cineol en meer dan 35 % terpineol-4.

Tea tree combineert een krachtige antibacteri√ęle en schimmeldodende werking met een grote mate van huidvriendelijkheid. Het lijkt een panacee voor vele klachten, maar haar belangrijkste gebruik in de aromatherapie is waarschijnlijk bij blaasinfecties, huidontstekingen, candida en voetschimmel.

De opbrengst aan essenti√ęle olie is voor tea tree tussen de 1,5 – 2 % dwz. dat er 50 tot 75 kg. bladeren en twijgen nodig zijn voor 1 liter olie. De kleur van tea tree olie is kleurloos tot licht groengeel. De geur is fris, helder, kruidig, kamferachtig en medicinaal. Tea tree vindt steeds meer een weg in aftershaves en eau de colognes als topnoot en wordt verder verwerkt in desinfecterende middelen, tandpasta’s en zepen.

Eigenschappen

Tea tree bezit een breed werkingsgebied: ontstekingsremmend, antipruritisch (anti-jeuk), antiseptisch, antiviraal (o.a. herpesvirus), zeer sterk anti-infectie, breed spectrum bactericide (o.a. gram+, staph., gram-, coli., proteus, Klebs.), parasietendodend (lamblia, ascaris, ankylostoma), fungicide (candida), wondhelend, zweetdrijvend, ‘ontstoppend’ (aders, flebotonisch), slijmoplossend, immuunstimulerend (igA en igM-laag), insecticide, pijnverdovend, stimulerend.

Toepassing

(zie o.a. Franca Siebers – ‘Tea tree’ en Kluge – ‘Tea tree-olie’)

*¬†¬†¬†¬† In het geurlampje¬†geeft tea tree een frisse, kruidige en medicinale geur die goed te mengen is met lavendel, lavandin, grove den, rozemarijn, kruidnagel en de citrusoli√ęn. Via verdamping is teatree een goede hulp bij bronchitis die gepaard gaat met ettervorming, sinusitis, neus- en keelinfecties. Gebruik van tea tree leidt tot versterking van de weerstand bij griep en kou. Verder is tea tree sterk vitaliserend bij vermoeidheid en nerveuze depressies. Inhalatie via stoombaden is nog doeltreffender.

*¬†¬†¬†¬† Op de huid:¬†zie algemene toepassingsregels in deze bijsluiter. In de huidverzorging is tea tree √©√©n van de beste oli√ęn bij acne, abcessen, huidinfecties, voetschimmel en wratjes. Bij acne en abcessen bezit tea tree de eigenschap om de etter binnen te dringen en de etter vloeibaar te maken waardoor het gemakkelijker kan worden afgevoerd. De olie is pijnverdovend en sterk wondhelend en mag puur op een wondje. Ook in de mondverzorging is tea tree een doeltreffende olie: regelmatig spoelen met 1 √† 2 druppels tea tree in wat water bij mondzweertjes, tandvleesontsteking (gingivitis) en een zere keel. Tea tree bestrijdt de ontsteking. Ook de gevolgen van insectenbeten worden teniet gedaan door een druppel pure teatree op de aangedane plek. In de haarverzorging is tea tree een effectief en vriendelijk middel bij de bestrijding van hoofdluis, roos en vet haar. Een bijzondere eigenschap van tea tree is de preventieve bescherming tegen huidverbrandingen bij bestraling.

*     In het bad: zie algemene toepassingsregels in deze bijsluiter. Via baden is tea tree in te zetten bij kou, griep, vermoeidheid, jeuk, als circulatiebevorderende olie bij bv. spataderen, bij huidschimmels (candida).

Dosering

  • ¬†In het geurlampje:¬†enkele druppels naar eigen voorkeur.
  • Op de huid:¬†maximaal 4 % bij volwassenen – bij lokaal gebruik.
  • In het bad:¬†maximaal 6 druppels in een vol bad.
  • ¬†In een stoombad:¬†maximaal 5 druppels.

Overdosering en bijwerkingen

Bij lage dosering is tea tree non-toxisch en niet irriterend. Overgevoeligheidsreacties komen voor (netelroos, blaasjes, oedeem). Door het lage cineolgehalte is tea tree niet irriterend op de huid en op de slijmvliezen. De olie mag lokaal puur op de huid gebruikt worden, hoewel de olie niet getest is op irritatie en sensibilisatie bij doseringen van meer dan 1 %.                                                                                                                       Waarschuwing                                                                                                                              

Bij inwendig gebruik moet de olie zo vers mogelijk zijn.                                                                                                                                      Bij vooral katten bestaat de indruk dat verouderde olie tijdelijk verlamming kan veroorzaken.

 

Eerste hulp

Griep en verkoudheid

Najaar en winter staan bekend als de seizoenen waarin verkoudheid en griep de meeste kans krijgen. Een loopneus, niezen, hoesten, benauwdheid, keelpijn, gezwollen slijmvliezen; iedereen herkent de symptomen van een fikse verkoudheid.

Griep gaat tevens gepaard met hoge koorts en spierpijn.
Hoewel iedereen direct geneigd is virussen en bacterien de schuld te geven van de malaise die griep en verkoudheid veroorzaken, is in feite het eigen lichaam de factor die beslist of u wel of niet ziek wordt. De conditie van het immuunsysteem, ofwel uw weerstand, bepaalt of ziekteverwekkers zich kunnen manifesteren en hoeveel last u daarvan krijgt.

Bacterien en virussen zijn overal; wij komen voortdurend in contact met duizenden mogelijke ziekteverwekkers. Er zijn vele honderden virussen die griep en verkoudheid kunnen veroorzaken. Directe blootstelling aan veel virussen van een soort vergroot de kans op het uitbreken van de ziekte.

Griep en verkoudheid kunnen dan ook het best voorkomen worden door besmetting te vermijden en de weerstand van het lichaam te vergroten.

Wanneer u toch ziek wordt kunnen een aantal simpele maatregelen u helpen sneller te herstellen:

-Veel rusten is heel belangrijk. Rust heeft een positief effect op het immuunsysteem. Tijdens rust en slaap is het immuunsysteem veel actiever dan tijdens perioden van activiteit. Lichamelijke en geestelijke inspanning (sport, stress) kunnen beter vermeden worden.

-Veel drinken, bij voorkeur water, want bij weinig vocht drogen slijmvliezen uit. Vochtverlies (met name door koorts) verlaagt de beweeglijkheid van de witte bloedcellen(afweer cellen) en vermindert de afvoer van afbraakproducten.

-Vermijd het eten van suiker en suikerhoudende dranken (zoals ook vruchtensappen, sinaasappelsap, honing). Suiker vermindert de aanmaak en activiteit van witte bloedcellen (cellen die virussen en bacterien etc. aanvallen en opruimen). De hoeveelheid vitamine C in vruchtensappen is te verwaarlozen.

-Melk en zuivelproducten hebben een slijmvormende werking en kunt u beter niet gebruiken tijdens griep of verkoudheid.

Suppletie(aanvulling) met bepaalde vitaminen, mineralen en kruiden kan de weerstand helpen te versterken, waardoor griep en verkoudheid worden voorkomen, of waardoor u sneller geneest.

-Vitamine C staat bekend als een belangrijke voedingsstof, die het immuunsysteem kan versterken. Wanneer het gaat om het terugdringen van de duur of de hevigheid van griep of verkoudheid, zijn de eerste meetbare effecten vastgesteld bij een inname van minimaal 3000 mg vitamine C per dag. Inname van 500-1000 mg vitamine C elk uur is aan te bevelen. Vitamine C verhoogt de aanmaak en activiteit van witte bloedcellen, stimuleert de interferonproductie (stof die ook helpt tegen infecties), de thymusactiviteit (waar de witte bloedcellen worden gemaakt) en versterkt slijmvliezen.

-Het mineraal zink heeft een directe anti-virale werking. Het belemmert de vermenigvuldiging van virussen en verbetert de weerstand.

-Beta-caroteen en vitamine A beschermen de thymusfunctie. De anti-oxidatieve eigenschappen van deze twee voedingsfactoren voorkomen schade aan dit, voor het afweerstelsel, belangrijke orgaan. Vitamine A heeft een beschermende werking op slijm-vliezen.

Nog enkele tips
De hierboven genoemde middelen zijn algemeen.

Meer specifiek;

Keelontsteking; Salvia complex

Bronchitis; Plantago major complex
Tracheitis; (ontsteking hoog in de luchtpijp rond de stembanden); Myroxylon complex
Hoest algemeen; Drosera complex
Hoest met veel slijm; Plantago major complex

Kriebelhoest; Ipecauanha D4
Oorontsteking; Plantago major(tinctuur) in het oor Oteel
Griep; weerstand verhogen met Baptisia bio complex, Eachinaceacomplex, hoge dosis vit C,
Griep; diaree met kramp; Iberogast met misselijkheid; Iberogast
Bijholte ontsteking; Luffa operculata

In alle gevallen geldt; komt de klacht plotseling opzetten? Dan direct beginnen met Baptisia bio complex(bij groen slijm) en eachinacea complex (bij wit slijm) 5 druppels oplossen in een beetje water, een uur later 5 druppels van het kruid passend bij de klacht, zie boven genoemd, dan een uur later weer Baptisia biocomplex of Eachinacea complex etc. Totdat de acute klacht voorbij is, de koorts gezakt, het heftige er wat van af is, dat duurt meestal maar 1 of 2 dagen. Dan alleen nog het middel passend bij de klacht.

Voorbeeld; Je staat s’ochtends op met een ontzettende pijn in je keel. Je gaat dan als volgt te werk. De eerste keer pak je 50 druppels Baptisia bio complex, lost het op in een beetje water en drinkt het op. Vervolgens pak je na een uur 5 druppels Salvia complex, weer een uur later 5 druppels Batisia biocomplex, totdat je naar bed gaat.

Let op bij kinderen geldt een andere dosering (tot 6 jaar 1/8-1/4 van de dosis, van 6-12 1/4 – 1/2 van de dosis en vanaf 12 jaar volwassen dosering). Staat vaak wel op de verpakking. Wordt de klacht in de eerste 2 dagen niet minder neem dan contact met mij op. Of komen de klachten toch binnen enkele dagen tot weken terug, neem dan ook contact met mij op om een evt. afspraak te maken. Waarschijnlijk ligt de oorzaak dan dieper.

Tip: Leg alvast een voorraad aan.
Geef de bestelling op dan laat ik het u thuis bezorgen. Of kom per 1-3-2015 bij Change te Panningen in het nieuwe pand Well Being dan kunt u het daar kopen.