Metallothioneine

Metallothioneine

Onderzoek van Dr. William J. Walsch, Ph.D., biochemisch onderzoeker van het Pfeiffer Treatment Center, Illinois, USA, suggereert dat een aangeboren defect in de metallothioneine functie de oorzaak van autisme zou kunnen zijn. Volgens hem kunnen alle problemen van autisten, zowel immunologisch als de hersen- en maag-darm problemen verklaard worden uit een slecht functionerend metallothioneine. Het lijkt er inderdaad op dat een slecht functionerend metallothioneine systeem een belangrijke stressfactor is die een niet te geringschatte bijdrage levert aan het ontstaan van autisme. Een tekort aan metallothioneïne verklaard dus ook waarom sommige kinderen pas na een paar jaar plotseling autistische kenmerken vertonen. Namelijk door het veelvuldig toedienen van vaccinaties, die vaak een aluminiumverbinding en een kwikverbinding bevatten, kan de emmer overlopen waardoor het kind autistische kenmerken gaat vertonen.

Metallothioneine is een eiwit dat zeer vitale functies in ons lichaam vervult. Het is opgebouwd uit 60 tot 70 aminozuren, waarvan 20 keer cysteine en 7 atomen zink. Het komt in hoge concentraties voor in het slijmvlies van de darm. De belangrijkste functie van metallothioneine is ons te beschermen tegen de vergiftiging met zware metalen. Ze doet dit door zink uit te wisselen tegen kwik, lood, platina, aluminium, etc. Daarnaast komt het voor in de lever, alvleesklier, mond, maag en hersenen. Verder speelt metallothioneine een belangrijke rol in verschillende andere processen in het lichaam:

  1. Het regelt de zink en koper concentratie in het bloed.
  2. Het is essentieel bij de ontwikkeling en werking van ons immuunsysteem.
  3. Het is onmisbaar bij de ontwikkeling van zenuwcellen (neuronen) in de hersenen samen met de omega-3 vetzuren.
  4. Het beschermt tegen overmatige groei van gist in de darmen.
  5. Het voorkomt ontstekingen in de darmen.
  6. Het is betrokken bij de maagzuurproductie.
  7. Het beïnvloedt de smaak en structuurwaarneming van het voedsel in de mond.
  8. Het heeft een reguleerde werking op het gedrag in de hippocampus.
  9. Het is betrokken bij de emotionele ontwikkeling en socialisatie (amygdala).

Door al deze vitale functies van metallothioneine is het niet verwonderlijk dat er van alles mis kan gaan in de ontwikkeling van het kind bij een tekort aan of een niet goed functioneren van dit essentiële eiwit.

Vermoedelijk gaat het om een stoornis die veelal pas tot uitdrukking komt als er sterke overbelasting (stress) optreedt, waardoor autisme in de laatste tien jaar explosief is toegenomen en vroeger zelden voorkwam.

Het behoeft geen betoog dat in deze moderne tijd de bescherming tegen zware metalen een essentiële rol speelt in het handhaven van onze gezondheid in een sterk vervuilde wereld. We krijgen voortdurend zware metalen binnen met onze voeding, de dagelijkse intake van kwik met de voeding is ongeveer 20mcg en als tanden met amalgaam gevuld zijn, komt er nog eens een dosis bij afhankelijk van hoe oud het amalgaam is (1 mcg voor oud tot 450mcg/dag voor nieuw aangelegd amalgaam). In Nederland wordt voornamelijk aluminiumhydroxide gebruikt (25mcg per vaccin) en bevat alleen het griepvaccin nog kwik. Aluminium komt ook voor in allerlei verpakkingen van sappen, de blokverpakkingen die een aluminiumfolie aan de binnenkant bevatten. En er zijn altijd nog mensen die in aluminium pannen koken, vooral op vakantie. Metallothioneine is dus een uitermate belangrijk eiwit. Zware metalen passeren ongehinderd de bloed-hersenbarrière. Zo krijgt een baby van twee maanden met een tekort aan metallothioneine, die de DKTP/HIB en pneumococcen vaccin toegediend krijgt in twee verschillende spuiten, 2x 25 mcg aluminium en is dan niet in staat het aluminium te binden en uit zijn lichaam te verwijderen.

Door al de vitale functies van metallothioneine is het niet verwonderlijk dat er van alles mis kan gaan in de ontwikkeling van het kind als er een tekort aan dit essentiële eiwit is. Vermoedelijk gaat het om een epigenetische stoornis die veelal pas tot uitdrukking komt als er sterke overbelasting optreedt en de stresslimiet van de hersenen overschreden wordt. Dit kan een vaccin zijn, maar ook een bacteriële of virale infectie al of niet in combinatie met een penicillinekuur, een narcose, etc. Dat medici de oorzaak van autisme vaak nog als zuiver genetisch bestempelen, duidt op een weinig wetenschappelijke instelling, een gebrek aan logisch denken en een onvoldoende bijhouden van hun wetenschappelijke litteratuur. Genetische afwijkingen kunnen niet explosief toenemen zoals dat met autisme gebeurd is. In de Verenigde Staten is in enkele tientallen jaren het aantal gevallen van autisme van 1:180.000 naar 1:180 en in sommige staten al naar 1:150 gestegen. Ook is het niet slechts toe te schrijven aan een verbeterde diagnose, zoals ook wel beweerd wordt. Er moeten dus wel omgevingsfactoren in het spel zijn, ook al ligt er een genetische oorzaak aan de basis. Bovendien betekent genetisch nog niet hopeloos en onbehandelbaar! Recentelijke ontwikkelingen (methl-B12) in de VS bewijzen dat autisme wel degelijk is te genezen. Ook mijn persoonlijke ervaringen met de behandeling van autisme wijzen in die richting.

Waarschijnlijk beperken de ziekteverschijnselen die uit een slecht functionerend metallothioneine voort kunnen komen zich niet alleen tot het veroorzaken van aandoeningen in het autistisch spectrum, maar mogelijk vinden allerlei andere moderne aandoeningen zoals ADHD en andere gedragsstoornissen, fibromyalgie, M.E. en CVS (chronische vermoeidheidssyndroom) hier ook hun verklaring. Zelfs bij kanker zou het een rol kunnen spelen.

Ik laat al jaren koper en zink prikken bij kankerpatiënten en bij velen zie je een verhoogd koper en verlaagd zink. Ik heb in mijn praktijk verschillende autistische kinderen die tijdens de behandeling van hun autisme een volledig ander gedrag gingen vertonen dat alle kenmerken van ADHD heeft. Volgens mijn inzichten ligt er aan ADHD een zelfde basisverstoring als aan autisme en kunnen autistische kinderen tijdens een succesvolle therapie in het ADHD traject terecht komen, wat op zich een gunstige ontwikkeling is en verder  behandeld kan worden.

  • Slecht functionerend metallothioneine leidt tot een hoge koper-zink verhouding (hoog koper en laag zink) en een ophoping van zware metalen zoals aluminium, kwik, lood, cadmium, arseen en antimonium in het lichaam.
  • De onmogelijkheid om het koper en zink in evenwicht te houden duidt op een metallothioneine probleem.
  • De toxische effecten van zware metalen door een slecht functionerend metallothioneine kunnen enorm zijn zoals verstoring van de hersenfuncties, leverafwijkingen, nier beschadiging, het blokkeren van belangrijke enzymen en voedselintoleranties.
  • Metallothioneine is de hofleverancier voor zink aan de cel, ook aan de witte bloedcellen (leucocyten), en een zinktekort kan tot ernstige verstoring van het immuunsysteem leiden. Er treedt daarbij bovendien een vroegtijdige verschuiving van het cellulaire naar humorale afweer op hetgeen tot immuunverlies leidt. Een tekort aan zink en metallothioneine kan tot een atrofie van de thymus en lymfatisch weefsel leiden met als gevolg een ernstig verzwakt immuunsysteem bij infecties. Als de moeder deze tekorten heeft kan de baby al met een ernstige immuunstoornis geboren worden (aangetoond in dierstudies)
  • Een zinktekort kan bij kinderen ook leiden tot groeistoornissen en het achterblijven van de genitale en endocriene ontwikkeling.
  • Een slecht functionerend metallothioneine als oorzaak voor autisme verklaart ook waarom 4 keer zoveel jongens autisme krijgen dan meisjes. Oestrogeen en progesteron, vrouwelijke hormonen, stimuleren namelijk de metallothioneine productie en daarom zijn meisjes beter beschermd tegen giftige stoffen van buiten af.
  • Muizen waarbij men de metallothioneine functie geblokkeerd heeft hebben meer epileptische insulten en een ernstig verstoord immuunsysteem; beide verschijnselen worden bij autisme waargenomen; onderzoekers hebben bevestigd dat metallothioneine en zink epilepsie kunnen voorkomen.
  • Interessant artikel nog om te lezen

Appen?

Wil je een afspraak maken? 🗣

Alie Wouda Natuurpraktijk Aurora

cropped-alie2.jpg

Bron

Dyslexie, ADHD en autisme

Het heilzaam effect van Omega 3

In iedere schoolklas zijn tegenwoordig moeiteloos één of meer kinderen aan te wijzen met tekenen van dyslexie, dyspraxie, ADHD (Attention Deficit/Hyperactivity Disorder), of autisme. Dit treft niet alleen de kinderen zelf, maar ook de ouders, de school, de omgeving en zelfs de maatschappij. Aangezien het aantal gevallen nog altijd alarmerend stijgt, zullen ook steeds meer (huis)artsen met deze ontwikkelingsstoornissen worden geconfronteerd.
De opkomst van deze aandoeningen blijkt hand in hand te gaan met de ingrijpende soortelijke en inhoudelijke veranderingen die de afgelopen decennia in de Westerse voedingsgewoonten hebben plaatsgevonden. Daardoor zijn vooral de biologisch zeer actieve, superonverzadigde vetzuren EPA en DHA goeddeels uit het dagelijks dieet verdwenen. Onderzoek bevestigt dat deze stoffen een cruciale rol spelen bij vorming, onderhoud en functioneren van de hersenen, en daarmee in het ontstaan en voortduren van bovengenoemde stoornissen.1,2,3,4
Een recente studie door de Universiteit van Oxford laat zien hoe een bijzondere, maar natuurlijke 4:1 EPA/DHA-verhouding een constructieve – en bovenal veilige – eerste keus kan zijn in de behandeling van deze ondermijnende ontregelingen.5
Eén met bovendien positieve bijwerkingen. Naast verbeteringen in hart, bloedvaten, gewrichten en immuniteit, zijn dat: soepel en glanzend haar, een gave huid, en sterke nagels.

Meervoudig onverzadigde omega 3 en 6 vetzuren (HUFA’s) en hun functie in de hersenen

DHA (docosahexaeenzuur, 22L6ω3)
Geconcentreerd in synapsen en fotoreceptoren, essentieel voor een normale visuele en cognitieve ontwikkeling. Verantwoordelijk voor de communicatie tussen zenuwcellen, balans in de zicht- en gedachteprocessen, zowel als controle op stemming;

EPA (eicosapentaeenzuur, 20:5ω3)
Essentiële bouwstof voor zenuwcellen en celmembranen van ogen en hersenen. Substraat voor eicosanoïden – hormoonachtige substanties zoals prostaglandinen, leukotriënen en tromboxanen. Deze zijn vanuit hun regulering van endocriene-, cardiovasulaire-, en immuunsystemen belangrijk voor ontwikkeling en functioneren van de hersenen. EPA remt bovendien het enzym fosfolipase-2 (PLA2) dat AA en DHA uit de hersenen weghaalt voor gebruik elders in het lichaam;

GLA (gammalinoleenzuur, 18:3ω6)
Wordt in het lichaam omgezet tot AA (arachidonzuur, 20:4ω6), een cruciaal element voor de groei van de hersenen. AA is verantwoordelijk voor zenuwfuncties, met name in leren en geheugen en is samen met DHA een onmisbaar component in neuraal membraanweefsel. AA en DHA vormen samen 15-20% van de droge hersenmassa en meer dan 30% van de retina.

LA (linolzuur, 18:2ω6) en ALA (alfalinoleenzuur, 19:3ω3) zijn werkelijk essentiële vetzuren (EFA’s) die niet in het lichaam kunnen worden gesynthetiseerd. De meervoudig onverzadigde vetzuren (HUFA’s) die de hersenen nodig hebben, kunnen in theorie vanuit deze EFA-precursors worden gesynthetiseerd. EFA/HUFA-omzetting is bij de mens echter relatief langzaam en inefficiënt.

Het belang van vetzuren
De onderlinge verschillen in verschijnselen van dyslexie, dyspraxie, ADHD en autisme – lees- en leermoeilijkheden, motoriek, gedrag – zijn bepalend voor de diagnose. Reguliere behandeling richt zich, al of niet in combinatie met farmacologie, op veelal van elkaar gescheiden disciplines, zoals educatieve psychologie; fysio-, of bezigheidstherapie en psychiatrie.

De overeenkomst tussen de verschillende verschijnselen wordt op een dieper niveau duidelijk: een biochemisch tekort aan de onverzadigde omega-3 vetzuren EPA en DHA in de hersenen, veroorzaakt door dieettekorten, en/of door onvermogen van het lichaam om deze stoffen vanuit voeding te synthetiseren.

Uitgaande van de door vele onderzoeken bevestigde conclusie dat vooral deze vetzuren een fundamentele rol spelen in het optimaal onderhouden en functioneren van de hersenen, vond onlangs een 12 weken durend, dubbelblind placebogecontroleerd Brits vooronderzoek plaats onder 41 kinderen tussen 8 en 12 jaar, met zowel leerproblemen als bovengemiddelde ADHD-scores.5 Onderzocht werd in hoeverre suppletie met deze vetzuren verbetering kan brengen bij kinderen met specifieke leerproblemen. Ten opzichte van de placebogroep liet de EPA/DHA-groep aanmerkelijke vermindering zien in ADHD-gerelateerde symptomen.

Onderscheid in werking
Recente ontdekkingen bevestigen dat voor het dagelijks functioneren van de hersenen, EPA actiever is dan DHA.
* Wanneer het lichaam DHA nodig heeft, kan het deze stof eenvoudig vanuit EPA aanmaken. DHA terug om te zetten naar EPA is voor het lichaam echter moeilijk;
* EPA is een basis voor serie-3-prostglandinen – deze spelen in het lichaam een specifieke ontstekingsremmende rol;
* Onderzoeken met EPA onder proefpersonen met verschillende problemen in cognitie, aandacht en waarneming lieten een vermindering in de symptomen zien. Bij de deelnemers die pure DHA of een placebo kregen, werden geen belangrijke verbeteringen zichtbaar;
* Sommige onderzoekers gaan ervan uit dat de werkzaamheid van EPA voortkomt uit het klaarblijkelijk remmend effect van deze stof op het enzym fosfolipase-2 (PLA2). Dit enzym ‘stript’ de structurele vetten AA en DHA uit de hersenen voor gebruik elders in het lichaam. In een aantal gevallen hebben mensen met mentale problemen te hoge niveaus van dit enzym, met als resultaat dat er een overmaat aan AA en DHA uit de hersenen wordt weggesluisd. Vermoed wordt dat EPA dit proces afzwakt.

Voortbordurend op het opvallend succes van de eerder genoemde voorstudie, wordt nu een zes maanden durend vervolgonderzoek uitgevoerd onder 120 Britse schoolkinderen en een even grote controlegroep. In dit nieuwe onderzoek wordt gebruik gemaakt van het voedingssupplement EYE Q®, een vetzuurproduct met een bijzondere, specifieke 4:1 EPA/DHA-verhouding. Dit vervolgonderzoek wordt gefinancierd door de Britse “Dyslexia Research Trust”. De resultaten worden eind 2002 verwacht.

Dit supplement bestaat uit een unieke 4:1 mix van de omega-3 vetzuren EPA en DHA zoals deze in natuurlijke verhouding voorkomt in zuivere zeevisoliën afkomstig uit het zuidelijk halfrond, in synergie met het omega-6 vetzuur GLA vanuit zuivere, biologisch gekweekte teunisbloemolie. De toegevoegde vitamine E dient om de vetzuren tegen vrije radicalenschade te beschermen. Hierbij zij opgemerkt dat de meeste andere omega 3 vetzuurproducten een lagere, namelijk een 3:2 EPA/DHA-ratio hebben – en daarmee een andere werking.

Basiskenmerken
* Dyslexie
– visuele/perceptuele problemen
– specifieke moeilijkheden met lezen en schrijven (vergeleken met de algemene norm);
– een onevenwichtig cognitief profiel in:
. het werkend geheugen
. het opnemen van verbale instructies
. het ordenen en in volgorde zetten van (vooral) auditieve, linguïstische impulsen
. moeite met uit het hoofd leren van (zinloze) rijtjes, zoals tafels en alfabet
* Dyspraxie
– specifieke moeilijkheden met coördinatie van de motoriek
– moeite met complexe, opeenvolgende handelingen
* ADHD
(Attention Deficit Hyperactivity Disorder)
– hyperactiviteit en impulsiviteit
– problemen met aandacht:
– moeite met concentratie, focus:
– moeite met het werkend geheugen
– moeite met het opnemen en onthouden van verbale instructies
– midden in een taak vergeten wat men aan het doen was

Biologische basis stoornissen
Voorbij de verschillende niveaus van uiterlijke kenmerken die bij dyslexie, dyspraxie en ADHD een rol kunnen spelen – gedrag, cognitie en de mechanische processen – heeft Prof. Dr. Alexandra Richardson van de Universiteit van Oxford in het hierboven genoemde vooronderzoek gekeken naar het constitutionele element. Zij stelde daartoe de volgende vragen: ‘Wat is de genetische, biologische bijdrage?’ en ‘Hoe ziet in de hersenen de biologische basis voor de predispositie voor deze stoornissen eruit?’. In plaats van op de oorzaak, richtte Richardson zich daarom op de verschijnselen, omdat die de sleutel zijn tot wat zich op biochemisch niveau in de hersenen afspeelt.

De gemeenschappelijke uiterlijke kenmerken die werden gevonden – milde onregelmatigheden in de neurologische ontwikkeling, een laag geboortegewicht, kleinere hoofdomtrek, niet-ernstige fysieke afwijkingen – wijzen op een predispositie die vóór de geboorte ontstaat. In de familieleden, zowel als bij de personen met deze symptomen zelf, werden in verhoogde mate atopische signalen waargenomen: allergieën, eczeem, astma, hooikoorts en auto-immuunverschijnselen. Opnieuw een aanwijzing voor het verband in deze individuen tussen aanleg en biochemie. ADHD-kinderen, en dikwijls ook dyspractische kinderen, hebben al vanaf heel jong voortdurend moeilijkheden met eten, inslapen – en wakker worden – en vertonen tekenen van ongewoon temperament. In wetenschappelijk onderzoek is telkenmale komen vast te staan dat bij deze kinderen dikwijls een ernstig tekort aan meervoudig onverzadigde vetzuren voorkomt – ontstaan door hetzij deficiënte voeding, of door onvermogen tot EFA/HUFA-conversie.

Behalve via bloedonderzoek kan een vetzurentekort overigens ook worden vastgesteld via een simpele spiertest, of, zoals toegepast in het huidige onderzoek, via een niet-invasieve ademtest.

Personen binnen het autistisch spectrum vertonen niet alleen nog ernstiger fysieke signalen van vetzuurdeficiëntie, maar hebben ook nog lagere niveaus van omega-3 HUFA’s in de membranen van hun rode bloedcellen.6,7 Het feit dat de membranen van deze personen tijdens laboratoriumonderzoek zeer slecht houdbaar zijn, wijst op een teveel aan het PLA2-enzym, verantwoordelijk voor de verwijdering van HUFA’s uit de membraanfosfolipiden. Hoge niveaus van dit enzym zijn ook gezien in zowel dyslectische, als in schizofrene personen.8,9

Praktische checklist
1 Vetzuurdeficiënties
– droge huid (de meest simpele, directe aanwijzing)
– atopische klachten: allergieën, eczeem, astma
– dof, levenloos haar, eventueel roos
– zachte, rafelige nagels (in de dikte gespleten)
– overdreven dorst
– frequente behoefte tot urineren
– harde, droge bobbeltjes op de huid rond de haarfollikels (als kippenvel)
2. Voeding
– allergie voor zuivel en gluten (loopneus, ‘spacy gedrag’)
– tekort aan zink
– problemen met bloedsuikerregulatie, zucht naar koolhydraten (Volwassenen: mannen grijpen vaak naar alcohol, vrouwen naar zoetigheid)
3. Dyslectische verschijnselen
– visuele/perceptuele moeilijkheden
– hoofdpijn veroorzaakt door gezichtsvermogen
– verwisselen van letters binnen woorden
4. ADD verschijnselen
– moeite met aandacht en concentratie
– dagdromen
– focus en helderheid (‘clearing brain fog’)
5. Stemming
– (over)gevoeligheid
– stemmingswisselingen
– geagiteerde angstige spanning
6. Slaapproblemen
– inslaapproblemen
– gedachten niet kunnen stilzetten
– moeite met wakker worden

Veranderingen in voedingspatroon
Studies naar stemmingsstoornissen geven een solide onderbouwing voor het belang van voeding in het functioneren van de hersenen. De incidentie van klinische depressie varieert tussen landen onderling aanzienlijk. In omvang blijkt deze zich omgekeerd evenredig te verhouden met de in het respectieve voedingspatroon aanwezige hoeveelheid zeebanket: een maatstaf voor de inname van omega-3 vetzuren.10,11 Ook in de tijd gezien is dit beeld consistent: waar in de afgelopen 100 jaar het voedingspatroon sterk in omega-3 vetzuren is teruggelopen, zijn depressies dramatisch toegenomen.
Hetzelfde directe verband bestaat tussen het voorkomen van met verzuurtekorten geassocieerde depressie en de hoeveelheid vis die wordt gegeten. Ook hier geldt: hoe lager de visconsumptie, des te meer depressie (vgl. Japan 4%, Engeland 14%). Volgende logische vraag is: wanneer de moeder vóór, en/of na de bevalling een vetzuurdeficiëntie vertoont, hoe staat het dan met de vetzuurstatus en de hersenontwikkeling van haar baby?
Arachidonzuur (AA) is cruciaal voor de groei van de hersenen – kleine tekorten worden in verband gebracht met een laag geboortegewicht en geringe hoofdomvang. DHA, in het bijzonder geconcentreerd op zeer actieve plaatsen als synapsen en fotoreceptoren, is ontbindende voorwaarde voor een normale visuele en cognitieve ontwikkeling. Tijdens de zwangerschap laat de placenta dubbel zoveel AA en DHA in het moederlijk plasma circuleren. Om de vorming en ontwikkeling van zijn hersenen veilig te stellen, haalt een baby de bouwstoffen desnoods uit het hersenweefsel van zijn moeder weg. Hersenscans van moeders na de bevalling hebben gemiddeld een 3% volumeafname van de hersenen laten zien.

Voeding, depressie en gedrag
Ondervoeding in de Westerse wereld is niet een kwestie van kwantiteit, maar van kwaliteit, ofwel inhoudelijkheid. De Amerikaanse criminoloog Stephen J. Schoenthaler legde al in 1980 een verband tussen de toename in gewelddadigheidcijfers en die van de consumptie van fastfood en suiker. Zijn voor die tijd zeer gewaagde constatering mondde uit in een onderzoek in een gevangenis in de staat Virginia. Daarin werd onweerlegbaar het bewijs geleverd voor het causale verband tussen voeding en gedrag. Zodra de gedetineerden een ‘ouderwets’ menu kregen voorgezet van volkorenbrood, aardappelen, vlees/vis en groenten, nam hun criminele en asociale gedrag met bijna de helft af, om bij het opnieuw nuttigen van de gangbare – deficiënte(!) – gevangeniskost onmiddellijk weer tot het oude, schadelijk peil terug te keren. Schoenthaler is sindsdien op deze leest doorgegaan en heeft vanuit verschillende perspectieven de relatie tussen voeding, gedrag en prestaties in schoolkinderen en jeugdige delinquenten onderzocht.12,13,14 In welke leeftijdsgroep dan ook uitgevoerd, in hun conclusie zijn deze onderzoeken eenduidig: aanpak van tekorten door suppletie, of via een betere balans in het dieet, levert zonder uitzondering (gedrags-)verbeteringen op van maar liefst bijna 50%.

Beperkend voor de opname van meervoudig onverzadigde vetzuren:
* Verzadigde-, gehydrogeneerde-, of transvetzuren vanuit bewerkte levensmiddelen
* Gebrek aan de vitaminen B3, B6 en C, en de minerale co-factoren zink en magnesium
* Roken
* Salicytaten
* Caffeïne
* Alcohol
* Virale infecties
* Stresshormonen
* Verstoringen in EFA/HUFA-omzetting

Conclusie
Voeding, prestatie en gedrag zijn zeer nauw aan elkaar gerelateerd.
Wat de ontwikkelingsstoornissen dyslexie, dyspraxie, ADHD en autisme bindt, is het gebrek in de hersenen aan specifieke, essentiële bouw- en voedingstoffen: de meervoudig onverzadigde vetzuren EPA en DHA. De meest recente inzichten wijzen er op dat met name EPA in combinatie met DHA in de verhouding 4:1 goede resultaten geeft bij bovengenoemde klachten. Aangevuld met synergetisch werkend GLA, zijn deze stoffen verwerkt in het supplement EYE Q® – het voedingssupplement dat Prof. Dr. Alexandra Richardson bij de behandeling van deze stoornissen bij uitstek beschouwt als een succesvolle, en vooral veilige eerste keus.

Meer weten, of een advies over welk middel je vast in kan zetten,  neem contact op met

Appen?

Wil je een afspraak maken? 🗣

Alie Wouda Natuurpraktijk Aurora