Vruchtbaarheid ’s problemen

Reguliere geneeskunde

Normaal gesproken komt bij vrouwen in de vruchtbare leeftijd maandelijks een eicel vrij uit een van de eierstokken, de zogenaamde eisprong of ovulatie. Tijdens de rijping van de eicel groeit het baarmoederslijmvlies, onder invloed van bepaalde hormonen, zodat een bevruchte eicel zich kan innestelen. Als er geen bevruchting opgetreden is, wordt het ontstane baarmoederslijmvlies afgestoten: de menstruatie.

Besturing door de hersenen

 

 De cyclus is een ingewikkeld samenspel tussen verschillende organen in het lichaam: de hypothalamus, de hypofyse, de eierstokken en de baarmoeder. De hypothalamus bevindt zich aan de onderkant van de hersenen, vlak daaronder zit de hypofyse (hersenaanhangsel). De hypothalamus is de ‘grote regelaar’ in het geheel. Deze produceert LHRH, een zogenaamd boodschapper-hormoon, dat de hypofyse aanzet tot het afgeven van FSH (Follikel Stimulerend Hormoon) en LH (Luteïniserend Hormoon). FSH en LH worden via het bloed naar de eierstokken getransporteerd en zijn verantwoordelijk voor de eirijping en de eisprong. FSH stimuleert de groei van een eiblaasje (follikel) waarin een eicel zit en zorgt tevens voor de aanmaak van oestrogeen in de eierstokken. Het oestrogeen zorgt ervoor dat het baarmoederslijmvlies gaat groeien. Als de hoeveelheid oestrogeen in het bloed hoog is, wordt hierdoor de afgifte van FSH geremd en de afgifte van LH gestimuleerd. Onder invloed van die grote hoeveelheid LH (LH-piek) treedt de ovulatie op, in het midden van de cyclus. De eierstokken gaan nu naast oestrogeen ook progesteron maken. Dit hormoon zorgt ervoor dat het baarmoederslijmvlies voldoende voedingsstoffen gaat bevatten voor de eventueel bevruchte eicel. Wordt de eicel niet bevrucht, dan daalt de hoeveelheid oestrogeen en progesteron in het bloed aanzienlijk. De gevolgen van deze daling zijn de afstoting van het baarmoederslijmvlies en een bloeding (menstruatie). Daarnaast zorgt de lage oestrogeenconcentratie in het bloed ervoor dat de hypofyse opnieuw door de hypothalamus wordt geprikkeld om FSH en LH af te geven. De volgende cyclus is dan begonnen.
De hypothalamus geeft niet een constante hoeveelheid LHRH(ook wel GnRH genoemd) af, maar doet dit stootsgewijs (pulserend). Dit is van essentieel belang voor het normaal functioneren van de menstruatiecyclus.De eicel heeft zich dan losgemaakt van de follikelcellen en zweeft in de vloeistof. Dit is het stadium van de sprongrijpe follikel. De hypofyse gaat nu een grote hoeveelheid LH afgeven. De follikel groeit hierdoor binnen twee dagen zo snel dat deze knapt: de vloeistof met de eicel komt naar buiten en kan worden opgevangen door de eileider. Dit is de eisprong of ovulatie. Direct hierna krijgen de andere sprongrijpe follikels het signaal dat ze niet meer nodig zijn. Ze stoppen met groeien en verschrompelen binnen enkele dagen. In elke eierstok bevinden zich vele duizenden eicellen. Om elke eicel zitten kleinere follikelcellen die oestrogeen maken. De combinatie van follikelcellen met daarbinnen een eicel noemen we follikel. Een beginnende follikel heeft een doorsnede van 0,05 mm.
Al vanaf de puberteit zijn constant tientallen follikels aan het groeien. Sommige sterven af terwijl andere doorgroeien, waarbij op een gegeven moment een met vocht gevulde holte in de follikel ontstaat. De follikel heeft dan een doorsnede van ongeveer 3 mm. Dit wordt een Graafse follikel genoemd. Als de hypofyse aan het begin van de cyclus FSH aan het bloed afgeeft, groeien enkele Graafse follikels verder uit. Hierbij wordt veel oestrogeen geproduceerd. Na tien tot veertien dagen is de follikel rijp, de doorsnede is dan ongeveer 25 mm.

eisprong of ovulatie

Samenwerking

De werking van de hypothalamus, hypofyse en eierstokken is haarfijn op elkaar afgestemd. Zolang alle organen goed functioneren, verloopt de cyclus zonder problemen. Als echter een van de organen niet goed werkt of het transport van de hormonen niet verloopt zoals het hoort, dan heeft dit zijn weerslag op het hele proces. Hierdoor kunnen allerlei klachten ontstaan. Ook vruchtbaarheidsproblemen kunnen het gevolg hiervan zijn, omdat bij een ontregelde hormoonhuishouding vaak geen eisprong optreedt. Wanneer er geen of slechts af en toe een eisprong plaatsvindt (anovulatie), blijft ook de menstruatie uit (amenorroe) of treedt deze zeer onregelmatig op.

Als uw hormoonhuishouding niet goed werkt

Een van de oorzaken van anovulatie is het niet functioneren van de eierstokken. Dit kan het gevolg zijn van een voortijdige overgang. Vaker komt het voor dat de eisprong uitblijft omdat de eierstokken niet gestimuleerd worden door FSH en LH uit de hypofyse. Dit is het geval als de hypothalamus of de hypofyse niet werken. Hiervoor kunnen verschillende oorzaken zijn, zoals chronische (infectie)ziekten, een sterke daling van het lichaamsgewicht, stress en te grote lichamelijke inspanning. Ook na het stoppen met de anticonceptiepil kan het hypothalame/hypofysaire systeem tijdelijk stil liggen. Ook aandoeningen van andere hormoonklieren, zoals de schildklier of de alvleesklier (suikerziekte), kunnen de normale produktie van FSH en LH verstoren. Bepaalde geneesmiddelen, zoals sterk werkende kalmerende middelen, antidepressiva en middelen tegen hoge bloeddruk kunnen eveneens de FSH- en LH-produktie verstoren. Ten slotte kan de eisprong ook onregelmatig optreden of uitblijven bij chronische hyperandrogene anovulatie (CHA). CHA is een verstoring van de hormoonhuishouding en heeft naast anovulatie als symptomen: overgewicht, ongewenste haargroei in gezicht, op borst, onderbuik, armen en benen. Bij hormoononderzoek vindt men onder andere (relatief) te lage FSH- en te hoge LH-waarden. In de eierstokken bevinden zich een groot aantal slechts gedeeltelijk uitgegroeide follikels. Doordat er geen eisprong optreedt, geven deze follikels het beeld van kleine cysten (met vocht gevulde holtes). Dit beeld noemt men ook wel het polycysteus ovariumsyndroom (PCO of PCOS).

De diagnose anovulatie wordt meestal vastgesteld door het bloed te onderzoeken. Er kunnen verschillende bloedtesten gedaan worden. Ook kan de arts een kuur van enkele dagen met progesterontabletten voorschrijven. Aan het al dan niet optreden van een vaginale bloeding kan men zien of de eierstokken vrouwelijk hormoon aanmaken. Is dit wel het geval, dan mag men aannemen dat de werking van de eierstokken intact is zodat deze te stimuleren zijn. Maken de eierstokken geen vrouwelijk hormoon, dan zal door meting van het LH- of FSH-gehalte in het bloed worden beoordeeld of de oorzaak bij de eierstokken ligt of dat ze niet gestimuleerd worden vanuit de hypothalamus en de hypofyse. Ligt de oorzaak bij de eierstokken, dan kan men onderzoeken of dit het gevolg is van de vorming van antistoffen tegen hormoonproducerende organen. Eventueel wordt een chromosomenonderzoek gestart. Als de arts vermoedt dat de oorzaak bij de hypothalamus of hypofyse ligt, kan een röntgenfoto van de schedel worden gemaakt. Ook kan dan onderzoek gedaan worden naar de schildklierfunctie. Een niet goed functionerende schildklier kan een oorzaak zijn van verminderde vruchtbaarheid.

Een temperatuurcurve en de LH-piekBron

 

Navigatie door berichten

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: