Breng je neurotransmitters weer in balans!

Een neurotransmitterneurotransmittter

Een neurotransmitter is een signaalstof die in synapsen zenuwimpulsen overdraagt tussen zenuwcellen (‘neuronen’) in het zenuwstelsel of impulsen overdraagt van motorische zenuwcellen op spiercellen of van zenuwreceptoren op sensorische zenuwcellen. Een stof wordt over het algemeen beschouwd als neurotransmitter als het voldoet aan vier criteria:

1) De stof wordt gesynthetiseerd in de zenuwcel.
2) De stof is aanwezig in het presynaptische uiteinde van een zenuwcel en wordt in zulke hoeveelheden afgescheiden dat het een duidelijke actie uitlokt in het postsynaptische neuron of het orgaan waaraan het verbonden is.
3) Als een redelijke hoeveelheid van de stof van buitenaf (exogeen) wordt toegediend, moet de stof de werking van de endogeen afgescheiden stof nabootsen.
4) Er bestaat een specifiek mechanisme voor het verwijderen van de stof van de plek waar het actief is.

(Sommige neurotransmitter kunnen functioneren als neurotransmitter èn als hormoon).Er zijn neurotransmitters die de activiteit van de zenuwcel die zij bereiken stimuleren (exciteren) en er zijn neurotransmitters die de activiteit van het bereikte neuron kunnen remmen (inhiberen). De belangrijkste exciterende neurotransmitter is glutamaat. De belangrijkste inhiberende neurotransmitter is GABA (gamma-aminoboterzuur).

Stoffen die de werking van een neurotransmitter stimuleren, noemen we agonisten. Stoffen die de werking juist remmen noemen we antagonisten. Er zijn ook stoffen die de activiteit van de afbreekenzymen voor neurotransmitters stimuleren of remmen. Deze stoffen hebben dus indirect invloed op de activiteit van neurotransmitters. Veel sterke natuurlijke en synthetische toxines en geneesmiddelen werken direct of indirect in op neurotransmitters en/of hun receptoren. De meeste neurotransmitters ontstaan uit aminozuren door middel van biosynthese.

Neurotransmitter Dopamine
Dopamine is verantwoordelijk is voor gezonde assertiviteit, seksuele opwinding, een sterk immuunsysteem en een optimaal functionerend zenuwstelsel, belangrijk om angst te remmen. Dopamine geeft assertiviteit (kracht) op zowel fysiek, emotioneel als mentaal niveau. Denk hierbij ook aan bewegingsenergie, concentratie, daadkracht en denkvermogen.

Dopamine is een kwetsbare neurotransmitter. Het dopaminegehalte wordt snel verlaagd door stress of slaaptekort. Ook alcohol, cafeïne, drugs, nicotine en suiker verlagen de dopamineactiviteit in de hersenen. Deze stoffen werken verslavend omdat het in eerste instantie het dopamineniveau verhoogd. Dat geeft een plezierige sensatie. Op een gegeven moment gebeurt het omgekeerde. Het dopamineniveau daalt en men voelt zich onprettig. Er zijn dan steeds grotere hoeveelheden van deze stoffen nodig om dat onprettige gevoel op te heffen. En dat lukt steeds slechts tijdelijk.

Een verlaagd dopamineniveau kan nare gevolgen hebben

  • Emotionele instabiliteit
  • Gevoelens van angst
  • Gevoel van ‘niet aanwezig zijn’
  • Gevoelens van onrust
  • Laag energieniveau
  • Laag libido
  • Matig concentratievermogen
  • Moeite met nemen van initiatief, weinig ‘zin’
  • Moeilijker kunnen kiezen, besluiten nemen
  • Slechter functionerend immuunsysteem
  • Sneller afgeleid zijn
  • Vergeetachtigheid

Het dopaminesysteem wordt gestimuleerd door met aandacht en plezier ergens mee bezig te zijn. Voor de aanmaak van dopamine is het aminozuur tyrosine nodig. Voedingsbronnen van tyrosine zijn fruit en groenten, eieren, vis, vlees, zuivelproducten en in het bijzonder avocado, noten, peulvruchten en zaden.

Verhogen domamineniveau
Wanneer er sprake is van klachten die een relatie hebben met een verlaagd dopamine niveau, dan is het eerst zaak het dopamine niveau weer op peil te brengen. En dat doe je in een aantal logische stappen, die steeds ingrijpender worden.

  • Meer knuffelen
  • Meer huid op huid contact
  • Meer intensief bewegen
  • Inname tyrosine houdende voeding verhogen
  • Inname geraffineerde suikers verlagen
  • Spijsverteringskanaal voeden in plaats van vullen
  • Inname l-theanine verhogen, liefst via voeding
  • Suppletie overwegen met l-theanine
  • Neurotransmitter GABA

Gamma-aminoboterzuur (GABA) is de belangrijkste inhibiterende (de werking van andere neuronen remmende) neurotransmitter in de hersenen. GABA is volop aanwezig in de hersenen, vooral bij de synaptische transmissies, in de grijze hersenstof en in het nigrostriatale systeem.

GABA helpt het functioneren van de hersenen in balans te houden. Het helpt uitschieters op ieder denkbaar terrein te voorkomen door tijdig af te remmen. Hierdoor faciliteert GABA het basisgevoel van veiligheid.

Afkicken van een alcoholverslaving en B vitaminen tekorten verminderen de effectiviteit van GABA.

Stoffen die de werking van GABA versterken noemen we GABA-agonisten. Veel gebruikte ‘geneesmiddelen’ die GABA-agonist zijn, kennen we als: Baclofen, barbituraten en Benzodiazepines. Alcohol versterkt de werking van deze stoffen. Dit zijn echter nare stoffen met dito bijwerkingen.

GABA kent zogenaamde co-factoren, onmisbare stoffen die nodig zijn voor de productie van GABA. Zonder voldoende van deze co-factoren hapert de GABA productie.. Deze co-factoren zijn: Vitaminen B1, B6, B12, Magnesium, Mangaan en Taurine.

Een verlaagd GABA niveau kan nare gevolgen hebben

  • Angstaanvallen
  • Darmproblemen
  • Doorratelend denken
  • Epileptische aanvallen
  • Fobieën
  • Gevoelens van onrust
  • Hyperaltertheid
  • Insomnia
  • Neurologische klachten (bewegingsapparaat)
  • Ongeduld
  • Paniekaanvallen
  • Perfectionisme
  • Verhoogde prikkelbaarheid

Goede voedingsbronnen van GABA zijn:

  • Aardappelen,
  • Bananen,
  • Bladgroenten (donkergroen),
  • Eieren,
  • Uien,
  • Zaden.

Verhogen GABA niveau
Wanneer er sprake is van klachten die een relatie hebben met een verlaagd GABA niveau, dan is het eerst zaak het GABA niveau weer op peil te brengen. En dat doe je in een aantal logische stappen, die steeds ingrijpender worden.

  • Meer knuffelen
  • Meer huid op huid contact
  • Meer intensief bewegen
  • Spijsverteringskanaal voeden in plaats van vullen
  • Inname GABA houdende voeding verhogen
  • Inname geraffineerde suikers verlagen
  • Tekorten vitamines vitaminen B1, B6 en B12 wegwerken.
  • Tekorten magnesium, mangaan en taurine wegwerken.
  • Inname l-theanine verhogen.
  • Suppletie overwegen met deze sterke GABA stimulatoren: 5-HTP, GABA, hop, glutamine, l-theanine, MSM, passiebloem, salvia, valeriaan, havergrasblad.

Neurotransmitter Serotonine
Serotonine is vooral een kalmerende en regulerende neurotransmitter. Het zorgt voor de eetlust, de spieropbouw, een gevoel van tevredenheid, een natuurlijk slaappatroon (serotonine reguleert ook het vrijkomen van melatonine uit de epifyse, de biologische klok), en reguleert de bloeddruk, de seksuele activiteit, het geheugen en het leren. Serotonine bevindt zich voor 95% in de maag en darmen. Veel mensen met serotoninetekort hebben dan ook darmproblemen, met name PDS.

Een verlaagd serotonineniveau kan nare gevolgen hebben

  • Afzondering
  • Agressie & boosheid
  • Angstaanvallen
  • Continu herhalende gedachten
  • Darmproblemen
  • Depressie
  • Dwangmatige eetstoornissen
  • Fobieën
  • Insomnia
  • Inflexibiliteit
  • Koolhydraatverslaving
  • Obsessief gedrag
  • Ongeduld
  • Overmatige bezorgdheid
  • Paniekaanvallen
  • Pessimisme
  • PMS
  • Slechter functionerend immuunsysteem
  • Stemmingswisselingen
  • Suïcidale neigingen
  • Tunnenvisie en zwart/wit denken
  • Verhoogde suikerbehoefte
  • Verhoogde prikkelbaarheid
  • Verlaagd libido
  • Verlaagd leervermogen
  • Verlaagde pijngrens
  • Verlaagd zelfbeeld
  • Verafschuwing van donker weer

Serotonine wordt aangemaakt uit het essentiële aminozuur tryptofaan en heeft daarbij de vitamines B1, B3, B6 en B11 (foliumzuur) en C nodig, de co-factoren. De activiteit van serotonine is afhankelijk van veel stoffen. Belangrijke stoffen in deze zijn insuline en magnesium.

Goede bronnen van l-tryptofaan, de natuurlijke variant van tryptofaan zijn vooral:

  • bananen,
  • bonen,
  • bruine rijst,
  • cacao,
  • eieren,
  • kaas,
  • kalkoen,
  • kikkererwten,
  • kip,
  • kwark,
  • melk,
  • noten,
  • pinda’s,
  • pompoenzaden,
  • sesamzaden,
  • soja,
  • tofu,
  • vis en
  • zonnebloempitten.                                                                                                                                                                                                                                                                                          ‘Voedsel’ dat rijk is aan geraffineerde suikers verlagen het serotonineniveau.

Tryptofaan wordt in het lichaam met behulp van vitamine B11 en vitamine C omgezet in 5-HTP. Het hormoon insuline zorgt ervoor dat 5-HTP vanuit het bloed in de hersenen wordt opgenomen. De hersenen zetten tenslotte 5-HTP met behulp van vitamine B6 en zink om in serotonine. Het verhogen van de hoeveelheid tryptofaan in het lichaam verhoogt dus indirect de hoeveelheid serotonine in het lichaam. Suppletie met tryptofaan kan in eerste instantie (bijwerking) duizeligheid, vermoeidheid en wazig zien veroorzaken. Tryptofaan mag niet tegelijkertijd met bepaalde ‘geneesmiddelen’ gebruikt worden, waaronder antidepressivia.

Verhogen Serotonineniveau
Wanneer er sprake is van klachten die een relatie hebben met een verlaagd serotonineniveau, dan is het eerst zaak het serotonineniveau weer op peil te brengen. En dat doe je in een aantal logische stappen, die steeds ingrijpender worden.

  • Meer knuffelen
  • Meer huid op huid contact
  • Meer intensief bewegen
  • Inname tryptofaan verhogen.
  • Tekorten vitamines B1, B3, B6, B11 en C wegwerken.
  • Tekort magnesium wegwerken.
  • Inname geraffineerde suikers verlagen
  • Spijsverteringskanaal voeden in plaats van vullen
  • Inname 5-HTP verhogen.
  • Suppletie 5-HTP overwegen

Aanvullende informatie

5-HTP
5-HTP (5-hydroxytryptophaan) wordt in het lichaam geproduceerd uit tryptofaan. Het komt van nature voor in verschillende voedselproducten en wordt als voedingssupplement voornamelijk gewonnen uit de zaden van de Griffonia plant. 5-HTP wordt steeds vaker ingezet bij de natuurgeneeskundige behandeling van met name bijnieruitputting, depressie en slaapstoornissen. Suppletie met 5-HTP biedt een veilige manier om de aanmaak van GABA en serotonine te stimuleren.

l-Theanine

Het aminozuur l-theanine ( gamma-ethylamino-l-glutaminezuur of gamma-glutamyl-ethylamide), wordt in de natuur voornamelijk aangetroffen in de theeplant. L-theanine is in de theeplant aanwezig als vrij aminozuur en vormt circa 50% van de totale hoeveelheid vrije aminozuren. De biosynthese uit glutaminezuur en ethylamine vindt plaats in de wortels van de plant, waarna het gevormde l-theanine wordt opgeslagen in de bladeren. Zowel de van oudsher bekende ontspannende werking van groene thee als de bijzondere smaak ervan, is te danken aan de aanwezigheid van l-theanine.

De hoeveelheid l-theanine die in de uit theebladeren bereide drank wordt aangetroffen kan aanzienlijk variëren en is onder meer afhankelijk van de wijze waarop de bladeren na het plukken verder worden verwerkt. Daardoor bevat groene thee in het algemeen veel meer l-theanine dan zwarte thee.
 In voedingssupplementen wordt l-theanine meestal aangeboden onder de naam Suntheanine.

Er is een fabrikant van voedingssupplementen die l-theanine produceert volgens een gepatenteerd enzymatisch proces waarbij uitsluitend de natuurlijke L-vorm van theanine ontstaat. Onderzoek heeft uitgewezen dat andere producten, die door extractie uit groene thee of door chemische synthese worden verkregen, naast L-theanine in het algemeen ook D-theanine bevatten en wel in hoeveelheden die circa 50% kunnen bedragen. Mogelijk kunnen dergelijke hoge concentraties D-theanine echter, omdat de ruimtelijke molecuulstructuur van aminozuren grote invloed op hun biologische activiteit en stofwisseling kan hebben, tot nadelige effecten leiden.

L-theanine wordt snel vanuit het darmkanaal geabsorbeerd en passeert via het aminozuren-transportmechanisme dat als L-systeem (leucine preferring transport system) wordt aangeduid. Daardoor komt het snel in de hersenen. Veelal kan reeds ongeveer een half uur na inname een gunstige uitwerking van L-theanine worden waargenomen. Bij dierstudies waarbij het aminozuur direct in de maag werd gebracht was de concentratie in de hersenen na 5 uur maximaal. Daarna trad een geleidelijke vermindering op en na 24 uur was in het hersenweefsel geen L-theanine meer aantoonbaar. L-theanine ontplooit in de hersenen uiteenlopende gunstige effecten die onder meer tot een gevoel van ontspanning en relaxatie leiden. Belangrijk is dat deze kalmerende en rustgevende werking van L-theanine niet gepaard gaat met het optreden van sufheid of slaperigheid.

Vermeldenswaardig is ook dat L-theanine uiteenlopende negatieve effecten van cafeïne tegengaat. Dit verklaart waarom het drinken van groene thee, ondanks het feit dat daarin cafeïne aanwezig is soms zelfs in een relatief hoge concentratie– toch een kalmerende werking heeft. De ontspannende werking van l-theanine is onder meer te danken aan het feit dat dit aminozuur het GABA-niveau in de hersenen doet toenemen. GABA (gamma-aminoboterzuur) is een inhiberende neurotransmitter die een kalmerende uitwerking heeft en het gevoel van welbevinden kan bevorderen. Een adequate beschikbaarheid van GABA kan helpen hyperactiviteit en gevoelens van innerlijke onrust van iedere aard te bestrijden. De positieve werking van l-theanine wordt ook toegeschreven aan beïnvloeding van het metabolisme van dopamine, een neurotransmitter die tevens als precursor voor de productie van norepinefrine fungeert.

Bron: Rob M.M. Greuter

img_2777Afspraak maken?

Prostaat problemen voorkomen

 

Prostaat
De prostaat maakt onderdeel uit van het mannelijk voortplantingssysteem. De taak van de prostaat is het produceren van een slijmerige vloeistof, die dienst doet als transport- en voedingsvloeistof voor spermacellen. Deze vloeistof smeert de urethra en verbetert de beweeglijkheid van spermacellen. Van het totale volume van het ejaculaat bestaat zo’n 30% uit de prostaatvloeistof, waarin eiwitten (o.a. het prostaatspecifiek antigeen PSA), citroenzuur en met name veel zink voorkomt. Vooral het zink is voor de kwaliteit van het sperma zeer belangrijk.

Prostaatvergroting
Tijdens de puberteit groeit de prostaat door de hormonale veranderingen tot volwassen grootte uit. Vanaf 25 jaar neemt de prostaat heel traag verder in omvang toe. Tegenwoordig wordt bij 10% van de mannen onder 40 jaar al een lichte prostaatvergroting geconstateerd, hetgeen echter zelden tot klachten leidt. Dat prostaathypertrofie steeds vaker op jongere leeftijd voorkomt, heeft mogelijk te maken met het gebruik van onvolwaardige voeding (veel verzadigd vet, gefrituurde voeding, vlees, zuivel en weinig essentiële voedingsstoffen en vezels) en een zittende leefstijl. Boven de 50 jaar heeft ca. 75% van de mannen (goedaardige) prostaathypertrofie (BPH). Bij de helft van de mannen treden klachten op, terwijl bij 10% chirurgisch ingrijpen noodzakelijk is. Boven de 85 jaar blijkt zelfs 95% van de mannen een vergrote prostaat te hebben.

Klachten
Goedaardige prostaatvergroting is een androgeen-afhankelijke conditie en ontstaat meestal in het binnenste gedeelte van de prostaat, dat de urethra omsluit. Accumulatie van DHT (dihydrotestosteron) in de prostaat speelt hierbij een rol. Er zijn aanwijzingen dat DHT betrokken is bij het ontstaan van BPH door verhoging van de IGF-2-activiteit (insulinegroeifactor-2).1 Omdat de prostaat de urethra omsluit wordt bij het groeien van de prostaat de urethra dichtgedrukt, terwijl ook druk op de blaas kan ontstaan. Een sterke vergroting van de zijlobben van de prostaat kan slechts tot milde symptomen aanleiding geven, terwijl een milde vergroting van de middenlob al tot ernstige klachten aanleiding kan geven. Klachten als gevolg van BPH zijn; moeite met (door)plassen, zwakke urinestraal, pijn bij het plassen, frequent ’s nachts urineren (nocturie), nadruppelen, onvolledige blaaslediging, incontinentie en een verhoogde kans op urogenitale infecties.

Oorzaken
Diverse factoren spelen bij het ontstaan van BPH een rol. Met het toenemen van de leeftijd verandert de hormoonhuishouding, waarbij de bloedspiegel van testosteron daalt en die van prolactine en oestradiol stijgen. In de prostaat zelf stijgen de testosteron- en DHT-gehaltes, mede doordat het vermogen van de prostaatcellen om deze hormonen af te breken en uit te scheiden afneemt en prolactine de opname van testosteron in de prostaat en de omzetting in DHT bevordert. Deze verhoogde concentratie van androgene hormonen, met name DHT, zorgt voor prostaathyperplasie. Bier, stress, een gebrek aan zink en vitamine B6 kunnen ook bijdragen aan de prolactinestijging. Ook kan een tekort aan essentiële voedingsstoffen (zoals zink, lycopeen, vitamine B6, aminozuren, selenium) bijdragen aan de ongecontroleerde deling van prostaatcellen. Ook een te lage productie van lokale prostaglandines kan ertoe leiden dat teveel testosteron in de prostaat gebonden wordt

Afwachten
Het verloop van BPH wordt meestal afgewacht, voordat tot een chirurgische behandeling wordt overgegaan. In veel gevallen neemt de prostaatomvang vanzelf enigszins af. In deze periode en ter preventie van prostaathypertrofie en prostaatkanker hebben voedingsstoffen en kruiden, alleen en in combinatie, een gunstige uitwerking.

Uitsluiten prostaatkanker
Het is belangrijk prostaatkanker uit te sluiten. Dit geeft aanleiding in het begin tot dezelfde symptomen en komt in dezelfde leeftijdsgroep voor. Bij vroegtijdige ontdekking is de kans op genezing groter. Ook bij goedaardig gebleken prostaatvergroting blijft de noodzaak van regelmatige controle aanwezig, omdat prostaatkanker over het hoofd kan worden gezien, wanneer het in een later stadium ontstaan is.
De meeste vormen van kanker, waaronder prostaatkanker, ontwikkelen zich gedurende 10-20 jaar voordat ze manifest worden. Dit biedt tijd voor preventieve maatregelen. Er zijn aanwijzingen dat voedingsfactoren bij de preventie van prostaatkanker een belangrijke bijdrage leveren. Een hoge quetelet index en een hoge (verzadigde) vetconsumptie vergroten de kans op hormonale vormen van kanker.32

Regelmate controle PSA-spiegel
Stijging van de PSA (prostaat specifiek antigeen) spiegel in bloed, een stof die normaal door de prostaat wordt gevormd, is een belangrijke marker voor prostaatkanker. Mannen tussen de 40 en 60 jaar, van wie de PSA-spiegel boven de mediaan ligt en binnen de normaalwaarden, hebben 3 tot 6 keer meer kans binnen 25 jaar met prostaatkanker te worden geconfronteerd.3 Regelmatige screening is voor deze risicogroep belangrijk. Mogelijk is de gevoeligheid voor androgene hormonen bij een hogere PSA-spiegel groter. Onderzoekers achten het zinvol mannen reeds op 40 en 45-jarige leeftijd te testen op het PSA-gehalte en vanaf 50 jaar elke 2 jaar opnieuw.3 Een laag PSA-gehalte sluit kanker niet uit (door een relatief lage sensitiviteit), zodat de combinatie van een rectaal toucher en een PSA-test het meest betrouwbaar is. Als één van de twee een suggestie geeft voor kanker (PSA boven 4 ng/ml bloed, gebied van induratie bij toucher), is de volgende stap het nemen van een biopt. Aangezien prostaatkanker in veel gevallen al is uitgezaaid wanneer er klachten ontstaan, is screening middels rectaal toucher en PSA-test belangrijk. Tevens wordt geadviseerd beide testen uit te voeren bij lagere urinewegklachten bij mannen.3

Anti-oestrogene activiteit
Met het toenemen van de leeftijd verschuift de balans tussen oestrogenen en androgenen/testosteron in de richting van de oestrogenen. De oestrogeendominantie verhoogt de gevoeligheid van de DHT-receptoren in de prostaat en bevordert daardoor prostaatgroei. Daarop richt ik mijn therapie, wat per individu verschilt!

 

Wat je alwel kan nemen is:

Zink
Zink is onderdeel van diverse fysiologisch actieve eiwitten, die een rol spelen bij de regulering van apoptose, transcriptie en celdifferentiatie. Prostaatepitheel heeft het hoogste zinkgehalte van alle organen en weefsels. Een hoge zinkspiegel in het prostaatweefsel remt vermoedelijk celgroei en stimuleert apoptose. Waarschijnlijk biedt een adequate zinkstatus bescherming tegen het ontstaan en de voortschrijding van prostaatvergroting en prostaatkanker.
Zink remt het enzym 5-alfareductase, en daarmee de vorming van DHT. Zink remt daarnaast de binding van androgene hormonen aan cellulaire receptormoleculen met als gevolg verhoogde uitscheiding van deze hormonen. Zink verhoogt de prolactine-opname in de prostaat, maar vermindert tegelijkertijd de afgifte van dit hormoon door de hypofyse en verlaagt het de specifieke binding van dit hormoon aan de betreffende prostaatreceptor.

Selenium
Selenium is onderdeel van de antioxidantverdediging tegen vrije radicalen en is belangrijk voor de regulatie van de redoxstatus in cellen. Selenium is van belang voor het goed functioneren van het afweersysteem; een seleniumtekort leidt tot een verminderde productie van IgM en IgG, seleniumsuppletie leidt onder meer tot een verhoogde NK- (natural killer) celactiviteit. Er zijn aanwijzingen dat selenium bescherming biedt tegen diverse typen kanker, waaronder prostaatkanker. Zowel de antioxidantwerking als het effect op het immuunsysteem speelt hierbij waarschijnlijk een rol. In-vitro stimuleert selenium de apoptose van tumorcellen, activeert het de macrofagen en beschermt DNA tegen oxidatieve beschadiging. Mogelijk remt selenium de angiogenese bij kanker door middel van remming van expressie van vasculaire endotheliale groeifactoren (VEGF). Selenium is tevens betrokken bij de detoxificatie van zware metalen. Selenomethionine is een vorm van selenium zoals deze in voedingsmiddelen voorkomt.

Cadmium schadelijk voor prostaat
Cadmium verhoogt de kans op prostaatkanker. Selenium en zink helpen bij het onschadelijk maken van cadmium en beschermen de prostaat tegen het mutagene effect van cadmium. Er is mogelijk een positieve relatie tussen de cadmiumconcentratie en de concentratie van dihydrotestosteron.16 Injectie van cadmium in de prostaat van proefdieren leidde tot prostaathypertrofie. Ook uit een in-vitro studie blijkt dat cadmium prostaathyperplasie induceert. Selenium inhibeerde in-vitro cadmiumgeïnduceerde prostaathyperplasie. Ook uit dierstudies komt de beschermende werking van selenium tegen cadmiumexpositie naar voren.16 De seleniuminname in Nederland is veelal aan de lage kant.

Pyridoxaal-5-fosfaat en magnesium
Vitamine B6 (pyridoxaal-5-fosfaat) helpt zink bij het naar beneden brengen van het prolactinepeil. Prolactine zorgt voor een hogere opname van testosteron in de prostaat en een grotere omzetting in DHT. Daarnaast is vitamine B6 betrokken bij de aanmaak van type-1-prostaglandinen. Deze prostaglandinen werken remmend op de binding van testosteron in de prostaat en voorkomen hiermee een te grote ophoping hiervan.
Vitamine B6 en magnesium helpen mogelijk bij het voorkomen van nierstenen. Van beide nutriënten bestaat vaak een deficiëntie.
In een patiënt-controle-onderzoek in Taiwan werd het verband onderzocht tussen de inname van calcium en magnesium met het drinkwater en het voorkomen van prostaatkanker. De samenstelling van het geconsumeerde drinkwater van mannen die overleden waren aan prostaatkanker (n=682) werd vergeleken met het water dat mannen gedronken hadden, die inmiddels overleden waren door andere oorzaken. Uit de studie wordt geconcludeerd dat er mogelijk een beschermende werking uitgaat van magnesiuminname met het drinkwater en andere (voedings)bronnen van magnesium tegen het ontstaan van prostaatkanker

Aminozuren
Uit twee kleine studies is gebleken dat het gebruik van glycine, L-alanine en L-glutaminezuur de omvang van de prostaat bij benigne prostaathypertrofie kan doen verminderen.16,20 Vijfenveertig mannen kregen 2,5 week lang 780 mg alanine per dag en daarna 2,5 maand 390 mg alanine, steeds met gelijke hoeveelheden glutaminezuur en glycine. Deze aminozuurcombinatie verminderde de klachten als gevolg van prostaathypertrofie. Het mechanisme van de werking van deze combinatie is onbekend, doch het gebruik is zonder enige bijwerking gebleken.20

Chlorofyl
Door een bevordering van normale weefselgroei en een lokaal antioxidant effect kan chlorofyl een gunstige bijdrage leveren aan de behandeling.  De toename van benigne prostaathypertrofie is mogelijk tevens het gevolg van een hogere toxische belasting, waaronder zware metalen. Chlorofyl beschermt het lichaam tegen diverse carcinogenen in voedsel en milieu.
De ontgiftigende werking is vooral te danken aan de porfyrine uit chlorofyl. De porfyrine-ring is de actieve plaats waar bijvoorbeeld giftige metalen als kwik, lood, cadmium, aluminium en arseen gebonden kunnen worden; chlorofyl is een chelator van zware metalen.

Vitamine A, lycopeen en carotenoïden
Vitamine A is essentieel voor celgroei en -differentiatie. Vermoedelijk bieden zowel vitamine A als carotenoïden bescherming tegen het ontstaan van prostaatkanker. Carotenoïden hebben een belangrijke antioxidantwerking.
De gezonde prostaat is rijk aan de carotenoïde lycopeen. Bij onderzoek van de relatie tussen carotenoïden en de kans op prostaatkanker is gebleken, dat een hoge inname van lycopeen (onder meer in tomaten en daarvan afgeleide producten) geassocieerd is met een verlaagde kans op prostaatkanker. Omgekeerd worden bij prostaatkanker lage spiegels van lycopeen in bloed en prostaat gevonden. De combinatie van lycopeen en vitamine E in fysiologische hoeveelheden inhibeert de groei van prostaatkankercellen in-vitro. Lycopeen remt het ontstaan van kankercellen sterker dan andere carotenoïden

Heb je prostaatkanker, dan weet je dat er op natuurlijke manier ook nog veel aan te doen is.

Afspraak maken? Alie Wouda Natuurpraktijk Aurora 064197984 overdag sms’sen of  s’avonds bellen

Bron: studie orthomoleculaire geneeskunde

 

Heb je magnesium te kort?

alles-is-liefde.nl - Doe de Magnesium zelftest

Symptomen van te magnesiumtekort zijn spierkrampen, slecht slapen en chronische pijn. Het is verstandig om zeker te weten dat je genoeg magnesium binnen krijgt. Maar hoe weet je of je genoeg magnesium hebt binnengekregen?

Te weinig magnesium
Uit verschillende studies blijkt dat je waarschijnlijk te weinig magnesium binnen krijgt. Minder dan 30% van volwassenen krijgen genoeg magnesium binnen. Krijg ik genoeg magnesium? De bekendste methode om te achterhalen of je magnesiumpeil in orde is door een medische test te doen.

Testen
Via bloed kan achterhaalt worden hoeveel magnesium je hebt. Nadeel van deze testen is dat deze vaak misleidend zijn. Aangezien maar 1% van het magnesium in het bloed te vinden is, is het nog steeds onduidelijk wat je magnesiumpeil precies is. Wat moet je doen? Gelukkig kunnen we met een paar simpele vragen achterhalen of er sprake is van magnesiumtekort.
Vaak zie je dit aan de symptomen die zich dan voordoen. Als je weet welke signalen je moet interpreteren, weet je ook hoe en wanneer je de magnesiumbalans weer op orde kunt brengen.

Magnesiumtekort test
Als je JA op 1 van de volgende vragen antwoord, heb je een grote kans op magnesiumtekort.

1. Drink je regelmatig koolzuurhoudende dranken? De donkere gekleurde soda’s bevatten fosfaten.
Deze substanties binden zich met magnesium in het spijsverteringskanaal, zodat het onbruikbaar wordt voor het lichaam. Dus zelfs als je gebalanceeerd eet, kan het drinken van soda’s er voor zorgen dat magnesium niet wordt opgenomen. De gemiddelde consumptie van koolzuurhoudende dranken is meer dan 10 keer zo veel dan he was in 1940. Dit is een van de voornaamste redenen van magnesium en calcium tekort in je lichaam.

2. Eet je regelmatig gebakjes, taarten, desserts, snoep of andere zoete voedingsmiddelen?
Geraffineerde suikers bevatten geen magnesium. Nog erger: het zorgt er voor dat magnesium via je nieren wordt uitgescheden. Hoe meer zoet eten en geprocesseerd gebakken voedsel je eet, hoe groter de kans is dat je een tekort hebt aan magnesium.

3. Heb je veel stress in je leven of heb je recentelijk een grote medische ingreep gehad?
Beide fysieke en emotionele stress kan magnesiumtekort inleiden. Stress is een grote factor in het veroorzaken van magnesiumtekort. Een tekort aan magnesium kan het stressniveau weer vergroten!

In studies blijkt dat adrenaline en cortisol, bijproducten van de “vecht of vlucht” reactie die ook worden veroorzaakt bij stress, zijn mede de reden dat je magnesium level wordt verlaagd. Stressvolle situaties verbruiken meer magnesium. Uiteindelijk kan dit tot fysieke en psychologische problemen leiden.

4. Drink je koffie, thee of ander cafeïnehoudende dranken op dagelijkse basis.
Magnesium niveau worden voornamelijk door de nieren beïnvloed. Zij filteren en extraheren de overbodige magnesium en mineralen. Caffeine zorgt er weer voor dat de nieren deze magnesium weer ‘laten gaan’. Zonde! Als je veel koffie, thee en soda drinkt met cafeïne, heb je een grote kans op magnesiumtekort.

5. Gebruik je vochtafdrijvende pillen, hart medicatie, astma-medicatie, de pil of oestrogeen vervangende therapie?
Het effect van deze drugs leiden uiteindelijk tot een lager magnesiumniveau. De nieren scheiden deze stoffen dan sneller uit.

6. Drink je meer dan 7 alcoholische dranken per week?
Het effect van alcohol en magnesium is gelijk aan vochtafdrijvende middelen. Studies tonen aan dat 30% van de alcoholisten een magnesiumtekort heeft. Ook zal Vitamine D worden verlaagd.

7. Neem je calcium in zonder magnesium of neem je calcium in met magnesium met een te laag ratio (minder dan 1)?
Als je te weinig magnesium binnen krijgt, zal de inname van calcium het magnesiumgehalte nog verder doen dalen. Calcium inname kan dus een negatief effect hebben op je magnesiumgehalte.

8. Heb je last van:

  • Angst?
  • Tijden van hyperactiviteit?
  • Moeite met inslapen?
  • Moeilijk in slaap blijven?

Bovenstaande zaken kunnen aan een magnesiumtekort gekoppeld kunnen worden. Magnesium is essentieel voor de conditie van je zenuwen. Ook elektrolyse onbalans heeft effect op het zenuwsysteem. Te lage magnesiumniveau kan ook geassocieerd worden met persoonlijkheidsveranderingen en soms depressies.

9. Heb je last van:

  • Pijnlijke spierkrampen?
  • Spierkramp?
  • Fibromyalgie?
  • Facial tics?

Oog samentrekkingen, of onvrijwillige oogbewegingen? Neuronmusculaire symptomen zoals bovenstaand zijn de klassieke signalen voor een potentieel magnesiumtekort. Zonder magnesium zouden ons spieren in een constante staan van samentrekking zijn. Nogal pijnlijk. Magnesium is een essentieel element voor spierontspanning. Calcium zorgt er weer voor dat spieren samentrekken. Deze twee mineralen kun je zien als ‘broer en zus’.

10. Heb je 1 van bovenstaande vragen met Ja beantwoord en ben je ouder dan 55 jaar?
Oudere volwassen zijn kwetsbaarder voor een laag magnesiumgehalte. Ouder worden, stress en ziektes zorgen er allemaal voor dat het magnesiumgehalte wordt verlaagd. Ook krijgen ouderen minder magnesium binnen via voedsel dan vroeger.

Ook de opname van magnesium wordt minder als je ouder wordt. Als je op 1 van bovenstaande vragen met Ja hebt beantwoord, is er een grote kans dat je te weinig magnesium binnen krijgt. Wij raden aan om magnesium via de huid op te laten nemen, aangezien dit het grootste effect heeft.

Hoe kan ik magnesium toevoegen aan mijn lichaam?

  • Voeding: Magnesium kan aangevuld worden op verschillende manieren. Allereerst is er de mogelijkheid om veel meer magnesiumrijke voedingsmiddelen te eten.
  • Injectie: (intravaneus): Magnesium kan, indien de klachten daartoe aanleiding geven, ook via injectie of infuus worden toegediend, bijvoorbeeld om sneller te herstellen van een hartinfarct of complicaties tijdens de zwangerschap. Dit mag alleen worden uitgevoerd onder klinische omstandigheden.
  • Oraal (via de mond): Suppletie via het maag-darmkanaal. Bekend zijn tabletten op basis van magnesiumbiglycinaat (magnesium tabletten). Andere vormen zijn magnesiumcitraat, magnesiumaspartaat, magnesium tauraat, etc.
  • Huidopname: ‘Transdermale magnesiumtherapie’ berust op het vergroten van de hoeveelheid magnesium in het lichaam via de huid. Op deze manier wordt de hoeveelheid magnesium die voor de cellen beschikbaar is vergroot, zonder dat het maag- darm- kanaal wordt belast met het risico van bijverschijnselen. ‘Transdermaal magnesium’ heeft daardoor veel voordelen boven oraal toedienen van magnesium in de vorm van tabletten of capsules.
  • Inhalatie: Dat frisse zeelucht gezond is, wisten we al heel lang. Sinds kort weten we ook dat zeer fijne deeltjes die magnesiumchloride bevatten, daarin een belangrijke rol spelen. Onze longen blijken namelijk zeer goed in staat om magnesiumchloride op te nemen uit een aerosol, waarvan de deeltjes nog veel kleiner zijn dan in de fijnste nevel. Dit wordt ook wel ‘pulmonale opname’ genoemd.

Magnesium Producten voor de huid:

  • Magnesium spray
  • Magnesium Soak
  • Magnesium gel
  • Magnesium flakes
  • Magnesium Oil
  • Magnesium chloride

Webshop
Via een webshop kun je verschillende producten kopen om bijvoorbeeld een voetenbad of normaal bad te nemen. Een voetenbad kun je de eerste paar weken 2-3 keer per week doen, zodat het magnesiumgehalte weer op peil is. Daarna is 1-2 keer per week voldoende.

Symptomen van te magnesiumtekort zijn spierkrampen, slecht slapen en chronische pijn. Het is verstandig om zeker te weten dat je genoeg magnesium binnen krijgt. Maar hoe weet je of je genoeg magnesium hebt binnengekregen?

Te weinig magnesium
Uit verschillende studies blijkt dat je waarschijnlijk te weinig magnesium binnen krijgt. Minder dan 30% van volwassenen krijgen genoeg magnesium binnen. Krijg ik genoeg magnesium? De bekendste methode om te achterhalen of je magnesiumpeil in orde is door een medische test te doen.

Testen
Via bloed kan achterhaalt worden hoeveel magnesium je hebt. Nadeel van deze testen is dat deze vaak misleidend zijn. Aangezien maar 1% van het magnesium in het bloed te vinden is, is het nog steeds onduidelijk wat je magnesiumpeil precies is. Wat moet je doen? Gelukkig kunnen we met een paar simpele vragen achterhalen of er sprake is van magnesiumtekort.
Vaak zie je dit aan de symptomen die zich dan voordoen. Als je weet welke signalen je moet interpreteren, weet je ook hoe en wanneer je de magnesiumbalans weer op orde kunt brengen.

Magnesiumtekort test
Als je JA op 1 van de volgende vragen antwoord, heb je een grote kans op magnesiumtekort.

1. Drink je regelmatig koolzuurhoudende dranken? De donkere gekleurde soda’s bevatten fosfaten.
Deze substanties binden zich met magnesium in het spijsverteringskanaal, zodat het onbruikbaar wordt voor het lichaam. Dus zelfs als je gebalanceeerd eet, kan het drinken van soda’s er voor zorgen dat magnesium niet wordt opgenomen. De gemiddelde consumptie van koolzuurhoudende dranken is meer dan 10 keer zo veel dan he was in 1940. Dit is een van de voornaamste redenen van magnesium en calcium tekort in je lichaam.

2. Eet je regelmatig gebakjes, taarten, desserts, snoep of andere zoete voedingsmiddelen?
Geraffineerde suikers bevatten geen magnesium. Nog erger: het zorgt er voor dat magnesium via je nieren wordt uitgescheden. Hoe meer zoet eten en geprocesseerd gebakken voedsel je eet, hoe groter de kans is dat je een tekort hebt aan magnesium.

3. Heb je veel stress in je leven of heb je recentelijk een grote medische ingreep gehad?
Beide fysieke en emotionele stress kan magnesiumtekort inleiden. Stress is een grote factor in het veroorzaken van magnesiumtekort. Een tekort aan magnesium kan het stressniveau weer vergroten!

In studies blijkt dat adrenaline en cortisol, bijproducten van de “vecht of vlucht” reactie die ook worden veroorzaakt bij stress, zijn mede de reden dat je magnesium level wordt verlaagd. Stressvolle situaties verbruiken meer magnesium. Uiteindelijk kan dit tot fysieke en psychologische problemen leiden.

4. Drink je koffie, thee of ander cafeïnehoudende dranken op dagelijkse basis.
Magnesium niveau worden voornamelijk door de nieren beïnvloed. Zij filteren en extraheren de overbodige magnesium en mineralen. Caffeine zorgt er weer voor dat de nieren deze magnesium weer ‘laten gaan’. Zonde! Als je veel koffie, thee en soda drinkt met cafeïne, heb je een grote kans op magnesiumtekort.

5. Gebruik je vochtafdrijvende pillen, hart medicatie, astma-medicatie, de pil of oestrogeen vervangende therapie?
Het effect van deze drugs leiden uiteindelijk tot een lager magnesiumniveau. De nieren scheiden deze stoffen dan sneller uit.

6. Drink je meer dan 7 alcoholische dranken per week?
Het effect van alcohol en magnesium is gelijk aan vochtafdrijvende middelen. Studies tonen aan dat 30% van de alcoholisten een magnesiumtekort heeft. Ook zal Vitamine D worden verlaagd.

7. Neem je calcium in zonder magnesium of neem je calcium in met magnesium met een te laag ratio (minder dan 1)?
Als je te weinig magnesium binnen krijgt, zal de inname van calcium het magnesiumgehalte nog verder doen dalen. Calcium inname kan dus een negatief effect hebben op je magnesiumgehalte.

8. Heb je last van:

  • Angst?
  • Tijden van hyperactiviteit?
  • Moeite met inslapen?
  • Moeilijk in slaap blijven?

Bovenstaande zaken kunnen aan een magnesiumtekort gekoppeld kunnen worden. Magnesium is essentieel voor de conditie van je zenuwen. Ook elektrolyse onbalans heeft effect op het zenuwsysteem. Te lage magnesiumniveau kan ook geassocieerd worden met persoonlijkheidsveranderingen en soms depressies.

9. Heb je last van:

  • Pijnlijke spierkrampen?
  • Spierkramp?
  • Fibromyalgie?
  • Facial tics?

Oog samentrekkingen, of onvrijwillige oogbewegingen? Neuronmusculaire symptomen zoals bovenstaand zijn de klassieke signalen voor een potentieel magnesiumtekort. Zonder magnesium zouden ons spieren in een constante staan van samentrekking zijn. Nogal pijnlijk. Magnesium is een essentieel element voor spierontspanning. Calcium zorgt er weer voor dat spieren samentrekken. Deze twee mineralen kun je zien als ‘broer en zus’.

10. Heb je 1 van bovenstaande vragen met Ja beantwoord en ben je ouder dan 55 jaar?
Oudere volwassen zijn kwetsbaarder voor een laag magnesiumgehalte. Ouder worden, stress en ziektes zorgen er allemaal voor dat het magnesiumgehalte wordt verlaagd. Ook krijgen ouderen minder magnesium binnen via voedsel dan vroeger.

Ook de opname van magnesium wordt minder als je ouder wordt. Als je op 1 van bovenstaande vragen met Ja hebt beantwoord, is er een grote kans dat je te weinig magnesium binnen krijgt. Wij raden aan om magnesium via de huid op te laten nemen, aangezien dit het grootste effect heeft.

Hoe kan ik magnesium toevoegen aan mijn lichaam?

  • Voeding: Magnesium kan aangevuld worden op verschillende manieren. Allereerst is er de mogelijkheid om veel meer magnesiumrijke voedingsmiddelen te eten.
  • Injectie: (intravaneus): Magnesium kan, indien de klachten daartoe aanleiding geven, ook via injectie of infuus worden toegediend, bijvoorbeeld om sneller te herstellen van een hartinfarct of complicaties tijdens de zwangerschap. Dit mag alleen worden uitgevoerd onder klinische omstandigheden.
  • Oraal (via de mond): Suppletie via het maag-darmkanaal. Bekend zijn tabletten op basis van magnesiumoxide (magnesium tabletten). Andere vormen zijn magnesiumcitraat, magnesiumaspartaat, magnesium tauraat, etc.
  • Een magnesiumtablet van 500 mg magnesiumoxide bevat echter géén 500 mg magnesium. De werkelijke opname in het lichaam van magnesium via deze vorm ligt bovendien aanzienlijk lager dan het aantal mg van de tablet doet vermoeden door de vulstoffen die er worden gebruikt om de tablet te maken. Daarnaast spelen het maagzuur en de verdere spijsverteringsprocessen een belangrijke rol bij het verwerken van de magnesiumverbindingen.
  • Zo zal van bijvoorbeeld van 100 mg magnesiumtablet veelal maar 17mg magnesium daadwerkelijk worden opgenomen. Een ander verschijnsel bij oraal gebruik is dat de darmen er nogal wisselend op kunnen reageren en dat eventuele diarree dan juist tot extra verlies van magnesium leidt.
  • Huidopname: ‘Transdermale magnesiumtherapie’ berust op het vergroten van de hoeveelheid magnesium in het lichaam via de huid. Op deze manier wordt de hoeveelheid magnesium die voor de cellen beschikbaar is vergroot, zonder dat het maag- darm- kanaal wordt belast met het risico van bijverschijnselen. ‘Transdermaal magnesium’ heeft daardoor veel voordelen boven oraal toedienen van magnesium in de vorm van tabletten of capsules.
  • Inhalatie: Dat frisse zeelucht gezond is, wisten we al heel lang. Sinds kort weten we ook dat zeer fijne deeltjes die magnesiumchloride bevatten, daarin een belangrijke rol spelen. Onze longen blijken namelijk zeer goed in staat om magnesiumchloride op te nemen uit een aerosol, waarvan de deeltjes nog veel kleiner zijn dan in de fijnste nevel. Dit wordt ook wel ‘pulmonale opname’ genoemd.

Magnesium Producten voor de huid:

  • Magnesium spray
  • Magnesium Soak
  • Magnesium gel
  • Magnesium flakes
  • Magnesium Oil
  • Magnesium chloride

Vit D3, Magnesium bij osteoporose, Vit K bij kalk vasthouden in de botten

Test
Schermafbeelding 2014-08-29 om 00.29.55Een tekort aan vitamine D3 is te bepalen via het bloed. Maar een eenvoudige test is: druk met de wijsvinger op het borstbeen. Indien het pijn doet is dit een aanwijzing voor een tekort. Bot en spierpijnen, die lijken op fibromyalgie, kunnen een aanwijzing zijn voor een vitamine D tekort.
In de menopauze zien we regelmatig botontkalking bij vrouwen, wat met vitamine D3 400 IU opgevangen wordt. Bij voldoende vitamine D3 is het niet nodig veel kalk (max. 800 mg/dag) in te nemen (4)

Magnesium is Schermafbeelding 2014-08-29 om 00.30.26bij osteoporose van groot belang. Tussen calcium en magnesium behoort een evenwicht te zijn. Magnesium helpt calcium de botten in, anders gaat calcium de spieren in van bloedvaten en spieren (geeft nachtelijke spierkrampen). Bij voldoende magnesium neemt de botdichtheid toe (5). Magnesium remt PTH, waardoor kalk niet zo snel uit de botten gaat.

Schermafbeelding 2014-08-29 om 00.29.29Vitamine K blijkt belangrijk te zijn om kalk vast te houden in de botten, anders gaat het naar de bloedvaten (veroorzaakt aderverkalking = arteriosclerose) en de hersenen. Het eiwit osteocalcine heeft het vitamine K nodig om kalk in de botten te houden. Vitamine K houdt dus niet alleen kalk op de juiste plaats, maar zorgt er ook voor dat kalk niet via de nieren uitgescheiden worden.

afspraak maken?

Bron: Alternatieve geneeswijsheid.

Vit D3, Magnesium bij osteoporose, Vit K bij kalk vasthouden in de botten

Test
Schermafbeelding 2014-08-29 om 00.29.55Een tekort aan vitamine D3 is te bepalen via het bloed. Maar een eenvoudige test is: druk met de wijsvinger op het borstbeen. Indien het pijn doet is dit een aanwijzing voor een tekort. Bot en spierpijnen, die lijken op fibromyalgie, kunnen een aanwijzing zijn voor een vitamine D tekort.
In de menopauze zien we regelmatig botontkalking bij vrouwen, wat met vitamine D3 400 IU opgevangen wordt. Bij voldoende vitamine D3 is het niet nodig veel kalk (max. 800 mg/dag) in te nemen (4).

 

 

 

Magnesium is Schermafbeelding 2014-08-29 om 00.30.26bij osteoporose van groot belang. Tussen calcium en magnesium behoort een evenwicht te zijn. Magnesium helpt calcium de botten in, anders gaat calcium de spieren in van bloedvaten en spieren (geeft nachtelijke spierkrampen). Bij voldoende magnesium neemt de botdichtheid toe (5). Magnesium remt PTH, waardoor kalk niet zo snel uit de botten gaat.

 

 

 

 

Schermafbeelding 2014-08-29 om 00.29.29Vitamine K blijkt belangrijk te zijn om kalk vast te houden in de botten, anders gaat het naar de bloedvaten (veroorzaakt aderverkalking = arteriosclerose) en de hersenen. Het eiwit osteocalcine heeft het vitamine K nodig om kalk in de botten te houden. Vitamine K houdt dus niet alleen kalk op de juiste plaats, maar zorgt er ook voor dat kalk niet via de nieren uitgescheiden wordt

Kenmerken voor mensen die een burn-out krijgen en wat te doen

Kenmerken voor mensen die een burn-out krijgen

Mensen die een burn-out krijgen zijn vaak perfectionistisch en hebben een te groot verantwoordelijkheidsgevoel. Ze zijn onzeker en bang om te falen. Ze willen graag overal controle over hebben en hebben moeite met het stellen van grenzen. Er is ook een verschil tussen mannen en vrouwen. Testosteron zorgt ervoor dat de man gaat vechten i.p.v. vluchten en dus meer “oplossend” werkt. De spiervezel van de man is beter in staat aerobe energie te produceren, deze aerobe energie is nodig bij een stressreactie. Stress heeft dus op vrouwen meer negatieve effecten. Door emancipatie willen vrouwen gelijk zijn aan mannen echter lichamelijk is dit niet het geval. Vrouwen stellen vaak te hoge eisen aan zichzelf hierdoor is de kans op burn-out is groter.

verder lezen?

Kenmerken voor mensen die een burn

Afspraak maken dat kan nu tegenwoordig online? 
Alie Wouda van der Tuin
info@natuurpraktijkaurora.nl

 

Autisme

Bij autisme is er sprake van een verstoorde aanmaak van serotonine, een verhoogde serotonine spiegel, een verhoogde spiegel van vrij tryptofaan en een verhoogde uitscheiding in de urine van 5-hydroxyindolazijnzuur (5-HIAA).

Mogelijke oorzaken zijn (eerste drie meest waarschijnlijk):
– Verminderde aanmaak of activiteit van de enzymen tryptofaan hydroxylase of L-aroma aminozuur decarboxylase, waardoor een verstoorde aanmaak van serotonine en een verhoogde tryptofaan spiegel optreden.
– Verhoogde tryptofaan oxynase activiteit, waardoor het gehalte kynurenine verhoogd is en er minder omzetting van tryptofaan in serotonine plaatsvindt en het passeren van de bloed-hersenbarrière door tryptofaan vermindert. Er bestaat een ‘tryptofaan loading test’.
– Verhoogd bloedniveau albumine en niet geësterde vetzuren, waardoor een verhoogde spiegel van vrij tryptofaan ontstaat.
– Verminderde gevoeligheid van serotonine celreceptoren, waardoor een verhoogde afbraak van serotonine (door bio feed back mechanisme) optreedt.
– Belasting door zware metalen.
– Toxische belasting (uit de spijsvertering)
– Verminderde opname van zuurstof in de hersenen
– Verstoring van methyleringsprocessen in de hersenen

Specifieke oplossingen:
– Indien er verminderde activiteit van tryptofaan hydroxylase (afhankelijk van het enzym: tetrahydrobiopterine, BH4) sprake is, wordt extra foliumzuur, B12 en vitamine C aangeraden, om de aanmaak van het enzym te stimuleren.
– Bij een verhoogde tryptofaan oxybase activiteit wordt extra vitamine B6 met magnesium aanbevolen. Dit werkt bij 25-50% van de kinderen, bij 20% vindt zelfs een dramatische verbetering plaats.
– De totale hersen-stofwisseling, waaronder de gevoeligheid van serotonine receptoren, kan worden verbeterd door een aantal voedingssupplementen, met name DHA, fosfatidyl-choline, acetyl-l-carnitine, fosfatidyl-serine en methyldonoren zoals vitamine B-12 en foliumzuur (Brain modulators).
– Ontgifting van zware metalen kan met behulp van een anti-oxidanten complex (voldoende selenium en zink), aangevuld met NAC en liponzuur gebeuren.
– Algemene ontgifting van de hersenen is in veel gevallen aan te bevelen. Toxinen in de hersenen kunnen afkomstig zijn van onvolledig afgebroken resten van neurotransmitters. Er wordt eveneens een relatie gelegd tussen door pathogene micro-organismen in de spijsvertering gevormde toxinen en autisme. De meest effectieve stof die de hersenen kan ontgiften is s-adenosyl-l-methionine (SAM). NAC en liponzuur zijn eveneens inzetbaar. Vermindering van de vorming van toxinen in het spijsverteringskanaal kan door een lagere inname van eiwitten (purinen) en het verbeteren van de darmflora (probiotica).
– Een verminderde zuurstofwisseling (de helft van de zuurstof wordt door de hersenen gebruikt) kan door ademhalingsoefeningen en verbetering van de doorbloeding (Ginkgo biloba) verbeteren en (mogelijk) door vitamine B-15 (pangaamzuur).

Een opmerkelijk aantal onderzoeken laat verbetering zien bij kinderen met autisme na toediening van extra vitaminen uit het B-complex, zowel als individuele vitamine als in combinaties. Ook extra magnesium en vitamine C hebben in een aantal gevallen verbetering te zien gegeven.

De in de onderzoeken gebruikte doseringen waren:
Vitamine C 1000 – 3000 mg
Niacinamide 1 – 3 gram
Vitamine B-5 200 – 600 mg
P-5-P 5 – 20 mg
Vitamine B-6 25 – 100 mg
Foliumzuur 500 mg
Vitamine B-12 500 mg
Magnesium 75 – 100 mg

Op grond van deze onderzoeken mag verondersteld worden dat suppletie met extra vitamine C, magnesium en vitamine B-complex (liefst in co-enzymatische vorm) een redelijke kans op verbetering geeft.
De totale hersenstofwisseling (doorbloeding, opname van zuurstof, gevoeligheid celreceptoren, beweeglijkheid synapsen, aanmaak neurotransmitters) kan worden ondersteund door Brain modulators.
Ontgifting en vermindering van de vorming van toxinen kan met behulp van SAM, in combinatie met probiotica.
Ademhalingsoefeningen kunnen eveneens bijdragen aan verbetering van de opname van zuurstof in de hersenen.

Magnesium

Magnesium, een onmisbaar maar vergeten mineraal

 

In een wereld van pillen, vaccinaties en andere chemicaliën is het goed om te weten dat onze natuur al genoeg in huis heeft om ons te helpen gezond te blijven.

Magnesium is een bijzonder mineraal. 
Het is eigenlijk een onmisbaar element in ons leven. 
Magnesium ondersteunt het lichaam tijdens de natuurlijke energieproductie, maar ook bij de werking van onze spieren en ons gehele zenuwstelsel.
Magnesium helpt ook bij de vorming van enzymen en is dus onmisbaar bij de inzet van salvestrolen tegen kanker.

Magnesium wordt door velen ook wel het antistressmineraal genoemd. 
Het is namelijk een zeer belangrijke voedingsstof voor onze hersenen. 

Magnesium verhoogt de weerstand tegen geestelijke klachten als stress, depressie, geestelijke vermoeidheid, nervositeit en andere vormen van spanningen. 
Daarnaast heeft magnesium een zeer positief effect op mensen die last hebben van geheugenverlies of concentratiestoornissen.

Magnesium wordt vooral aangetroffen in fruit, groente en pompoenzaden. 
Ook peulvruchten en noten bevatten veel magnesium.

 

Magnesiumtekort

 

Normaal gesproken zouden we niet veel last moeten hebben van een tekort aan magnesium. 
Magnesium komt immers in veel levensmiddelen voor. 
Toch komt een tekort vaker voor dan we denken, dit door de lage kwaliteit van ons voedsel of slechte eetgewoonten. 
Vaak blijft een tekort onopgemerkt.

De tekenen en symptomen van een magnesiumtekort zijn: 
verminderde werking van het immuunsysteem, 
osteoporose, 
samentrekken van spieren of spierpijn, 
depressie, 
hoge bloeddruk, 
hoog cholestorolgehalte, 
hypoglykemie, 
vermoeidheid 
en schildklieraandoeningen.

Uit medisch onderzoek is gebleken dat magnesium een zeer goed middel is voor de behandeling van en het voorkomen van nierstenen. 
Magnesium helpt namelijk het calcium in de urine af te breken.

Magnesium helpt bovendien tegen onder meer: 
migraine, 
hoofdpijn, 
onvruchtbaarheid, 
hoge bloeddruk, 
diabetes type 1 en 2 
en osteoporose.

Medicijnen of drugs die het magnesiumgehalte aantasten of het metabolisme verstoren zijn: alcohol, bloeddrukmedicatie (diuretica), caffeïne en anticonceptiepillen (oestrogeen).

magnesiumrijke voedingAls het gaat om rampen met radioactief materiaal of andere stralingsbronnen, kan magnesium worden gezien als één van de belangrijkste stoffen tegen stralingsvergiftiging.

Magnesium helpt namelijk samen met onder meer calcium de afbraak van radioactief strontium-90 in het lichaam te bespoedigen. 
Best handig dus in een tijd van mobiele telefoons, Wi-Fi en andere stralingsbronnen waar mensen aan worden blootgesteld.

Kanker is dramatisch gestegen in de afgelopen eeuw en zal naar verwachting bijna verdubbelen in de komende decennia. 
Maar het behoud van gezonde magnesiumniveaus in uw lichaam kan  uw risico op het ontwikkelen van kanker sterk verminderen

Uit een studie onlangs gepubliceerd in het American Journal of Clinical Nutrition blijkt dat voor elke 100-milligram (mg) verhoging van magnesium, het risico op de ontwikkeling van colorectale kanker daalt met ongeveer 13 procent.

Een aantal van de beste bronnen van natuurlijke magnesium zijn: 
chlorofyl, 
zeewier, 
rauwe cacao, 
koriander blad, 
gedroogde pompoenpitten, 
en amandel boter.

Een tekort aan magnesium kan ontstaan door:

  • onvoldoende inname van magnesium via de voeding, vooral bij ouderen, mensen met ondervoeding en bij alcoholmisbruik.
  • bepaalde darmziektes, waardoor de opname verstoord is
  • te hoge uitscheiding van magnesium via de nieren
  • bij een ontregelde diabetes: te hoge of te lage hoeveelheden glucose in het bloed
  • verminderde activiteit van de bijschildklier (hypoparathyreoïdie)
  • langdurig gebruik van plaspillen (diuretica)
  • langdurige diarree
  • een chirurgische ingreep
  • ernstige brandwonden
  • zwangerschapsvergiftiging
  • Chemokuur en medicijngebruik.

Met ongeveer 30 gram amandelen of cashewnoten of een kopje bonen of bruine rijst krijg je bijvoorbeeld al 100 milligram magnesium binnen.

Let dus goed op de symptonen van een tekort en neem magnesium altijd in samen met calcium. 

Voeding bij hooggevoeligheid

 Onze huidige westerse voeding- en leefstijl is prikkelend voor het zenuwstelsel. Iedereen heeft hier mee te maken.
Een hooggevoelig persoon, met fijn afgestemde zintuigen en zenuwstelsel, wordt al snel overspoeld met prikkels, indrukken en ervaringen waardoor het zenuwstelsel standaard meer wordt belast.
Door overprikkeling ervaart de hooggevoelige eerder stress, angstige onrust en bijvoorbeeld vermoeidheid.
Wordt de overprikkeling chronisch dan zal dit bij hooggevoeligen eerder ontaarden in angststoornissen, depressie, bijnierdeficiëntie en bijvoorbeeld burn-out.
In dit artikel van Petra Kersten en Annemieke Meijler, reiken we kennis en mogelijkheden aan om via de voeding het zenuwstelsel te kalmeren en zo de bedding van het lichaam te vergroten om hooggevoelig te zijn.

Het zenuwstelsel en de amygdala
Ons brein is complex en bestaat uit een aantal structuren.
We onderscheiden drie lagen: de neocortex, het zoogdierenbrein of limbisch systeem en het reptielenbrein.
De kern van het limbische systeem is de amygdala.
Zonder de amygdala zijn geen emoties mogelijk.
Alle prikkels die onze zintuigen waarnemen worden als eerste gescand door de amygdala voordat ze naar de neocortex gaan.
Bij dreigend gevaar neemt de amygdala de regie en zet het aan tot de productie van adrenaline, noradrenaline en cortisol.
Hierdoor kan het lichaam op de vlucht slaan, kan het vechten of juist niet reageren (bevriezen).
De neocortex is in die situaties nauwelijks betrokken, in dreigende situaties ontbreekt immers de tijd om verstandig te bekijken wat het beste plan van aanpak is.
Helaas is de amygdala niet nauwkeurig.
Ook situaties of prikkels die nu helemaal geen reëel gevaar betekenen maar lijken op oud gevaar, triggeren het systeem en geven een reactie alsware er groot gevaar is.
Vanwege de overprikkeling van het zenuwstelsel zijn hooggevoeligen vatbaarder voor ‘fouten’ van de amygdala en zo dus voor het ontstaan van angst.

Angst gaat gepaard met intense overprikkeling en andersom: je bent sneller angstig, onzeker en paniekerig als je overprikkeld bent.

De invloed van denken, voelen en gedrag
Waarom en wat we eten zijn ingewikkelde vragen.
Er zijn veel invloeden die dat bepalen: sociale, emotionele, geestelijke en lichamelijke factoren spelen onder andere een grote rol.
Houding en gedrag vloeien voort uit overtuigingen en gedachten.
Het denken en voelen over het wel of niet eten van een voedingsmiddel en het er uiteindelijk voor kiezen om het wel of niet te eten zijn drie verschillende dingen.
We denken bijvoorbeeld dat het verstandig is om een bepaald voedingsmiddel niet te eten maar voelen tegelijkertijd dat we het wel graag zouden eten en kiezen er uiteindelijk voor om een kleine portie te nemen.

schermafbeelding-2017-01-16-om-01-54-14

tekst en foto door Petra Kersten en Annemieke Meijler

 

 

Hooggevoeligen zijn gevoeliger voor prikkels.
Zowel prikkels die zich buiten henzelf bevinden als prikkels die van binnenuit komen.
Deze prikkels beïnvloeden de drie lijnen die zich bevinden tussen denken, voelen en gedrag.
In het algemeen komt er rust in een systeem als het gedrag overeenkomt met het denken en voelen.
Voor hooggevoeligen is het lastiger om hier te komen vanwege het vele denken en voelen.
Vaak zijn hooggevoeligen afgestemd op hun omgeving in plaats van op zichzelf.
Ze kunnen zich erg goed inleven in een ander.
Met als gevolg dat ze zich vaak niet bewust zijn van zichzelf, van wat er zich in hen afspeelt zowel qua fysieke reacties als emoties.
Ze worden door de omgeving als (te) gevoelig betiteld, anders gevonden en vaak niet begrepen.
Het gevolg hiervan is dat ze gaan twijfelen aan hun eigen waarneming.
Dit is vaak het begin van een innerlijke strijd en een cirkel waarin ze terecht komen.
Ze schamen zich, hebben een lagere eigenwaarde en hechten meer waarde aan de mening van een ander.

Advies: bouw regelmatig reflectiemomenten in en probeer waar te nemen wat je denkt, voelt en doet.
Door regelmatig op een afstandje naar jezelf te kijken, kun je komen naar meer eenheid tussen denken, voelen en handelen

Voeding bij hooggevoeligheid
De kunst is om die voeding te kiezen die je systeem versterkt.
Goede voeding draagt namelijk het vermogen in zich om je in evenwicht te brengen.
Wanneer je uit balans bent dan kies je vaak die voeding die je uit balans houdt. Met als (mogelijk) gevolg dat je nog meer uit evenwicht raakt en je jezelf onrustig voelt.
Vooral hooggevoeligen zijn erbij gebaat om de juiste voeding te kiezen.
Hoe kom je tot een goede keuze?
• welke voeding kies je als je in balans ben en wat is hiervan het effect?
• welke voeding kies je als je niet in balans ben en wat is hiervan het effect? Een aantal factoren die van invloed zijn: Stabiliseer de bloedglucosespiegel Kenmerkend voor de westerse voeding zijn de veelheid aan geraffineerde graanproducten die op vele momenten gedurende de dag genuttigd worden.
Naast de gebrekkige inname aan micronutriënten leidt deze voeding tot een instabiele bloedglucosespiegel.
Met name een bloedglucosedip leidt tot afgifte van adrenaline waardoor het stress-systeem (verder) wordt aangezet.
Kenmerken van hypoglycaemie zijn:
geïrriteerdheid,
concentratieproblemen,
wisselende stemmingen,
depressiviteit en
angstige onrust.
Adviseer om die reden een voeding die rijk is aan eiwitten in combinatie met ongeraffineerde koolhydraten (groenten, wortels en knollen, peulvruchten en wat volle granen).
Beperk zoveel mogelijk de geraffineerde koolhydraten (o.a. brood, koek en pasta) en suikers.
Adviseer eventueel supplementen om de bloedglucosespiegel te normaliseren.
Zorg voor een goede darmfunctie
Een chronische disbiose van de darm (o.a. door schimmels, gisten en evt. parasieten) veroorzaakt rotting en gisting in de darmen.
Hierdoor ontstaan allerlei rottingsproducten die eenmaal door de darmwand heen ook de bloed-hersen-barrière kunnen passeren.
Hierdoor wordt de hersenfunctie sterk benadeeld.
Via bioresonantie kun je de darmflora en de vitaliteit van het darmepitheel in kaart brengen.
Zorg voor voldoende aminozuren
Voor een goede hersenwerking, een optimale aanmaak van neurotransmitters, heeft het lichaam voldoende aminozuren nodig.
Met name het aminozuur taurine (bron: vis, vlees en ei) is van belang om het zenuwstelsel te ontspannen.
Extra alertheid bij veganisten, vegetariërs en raw-foodies zij hebben vaak een gebrekkige inname van aminozuren.
De voeding kan worden aangevuld met een plantaardig eiwitpreparaat.

Zorg voor voldoende essentiële vetzuren
Meer dan 60% van de hersenen bestaat uit vet.
Met name de omega-3-vetzuren zijn goed vertegenwoordigd in de hersenen waar ze een belangrijke rol spelen in de celmembranen en op de receptorgevoeligheid. Onze voeding biedt vaak een ongunstige balans van de verschillende vetzuren: teveel verzadigd vet en omega-6-vetzuren ten opzichte van te weinig omega-3- en omega-9-vetzuren.
Zorg voor een voeding die rijk is aan essentiële vetten en adviseer eventueel een vetzuurpreparaat.
Zorg voor voldoende magnesium
Hoewel alle mineralen van belang zijn voor het zenuwstelsel is vooral magnesium belangrijk voor de ontspanning.
Door chronische stress en overprikkeling ontstaat er snel een tekort aan magnesium (verhoogde uitscheiding).
Tekort verschijnselen van magnesium zijn: spierkrampen, onrust en angst.
Zaden, noten en groene groenten zijn rijk aan magnesium.
Suppletie van een organisch gebonden magnesium biedt vaak uitkomst.
Mijden van stimulerende voedingsmiddelen Cafeïnerijke dranken als koffie, zwarte thee, energy-drankjes en cacao verhogen de afgifte van stresshormonen zodat er in het moment meer vitaliteit ervaren wordt.
Vrij snel daarna zakt de vitaliteit meestal terug naar een lager niveau; de consumptie van deze voedingsmiddelen kost het lichaam.
En ze prikkelen het zenuwstelsel waardoor een hooggevoelige sneller uit balans raakt.
Ditzelfde stimulerende effect geldt voor alcohol en nicotine.
Voor hooggevoeligen is het beter stimulerende voedingsmiddelen zoveel mogelijk te mijden.
Wees alert op voedselintoleranties en allergieën (deze test ik met de bioresonantie)
Door het gevoeligere systeem worden meer voedingsmiddelen als afwijkend beschouwd of niet goed verdragen met een voedselovergevoeligheid als gevolg.
Een overgevoeligheid voor melkproducten en gluten komt veel voor.
Maar ook aspartaam en monosodiumglutamaat (Vetsin) zijn veelvoorkomende triggers.
Voorkeur voor onbewerkt en natuurlijk
Er zijn veel bewerkte, industrieel bedachte, producten te koop.
Deze bestaan grotendeels uit niet-natuurlijke ingrediënten zoals chemische, lichaamsvreemde additieven.
Deze stoffen prikkelen het zenuwstelsel.
Hooggevoeligen verdragen natuurlijke voedingsmiddelen zonder chemische toevoegingen in het algemeen beter.

Het eigen voelen wijst de weg
Hooggevoeligen voelen vaak intuïtief aan welke voeding goed voor hen is en welke niet.
Het gaat erom dat ze hun eigen lichaam als leidraad nemen, tijd en ruimte nemen om bij dit gevoel te komen en dit gevoel/intuïtie vervolgens leren te vertrouwen.
In het algemeen betrekken hooggevoeligen veel externe prikkels, meningen en ervaringen bij hun keuzeproces om wel/niet iets te eten.
Hierdoor is het keuzeproces vaak ingewikkeld, incongruent en staat verder af van wat het eigen lichaam graag wil.
Belangrijke issues voor HSP’s zijn het wel/niet eten van dieren, in hoeverre het productieproces van een voedingsmiddel verantwoord is, belasting voor het milieu en de aanwezigheid van schadelijke stoffen.
Hooggevoeligen voelen vaak ‘informatie’ rondom voeding die anderen niet voelen. Zo kan iemand verantwoord geteelde groenten of biologisch vlees veel beter verdragen dan vlees vanuit de massa-industrie.
De kunst voor iedereen, echter specifiek voor hooggevoeligen, is te komen tot één lijn van denken en gevoel wat kloppend is voor het eigen systeem.
Eet volgens je constitutie
Niemand is hetzelfde.
De Ayurveda (oude Indiase geneeswijze) biedt een mooie indeling in constitutietypen waar mee gewerkt kan worden om de individuele constitutie in kaart te brengen.
De aangeboren constitutie is gebaseerd op een bepaalde relatie van drie fundamentele energieën of dosha’s te weten, vata, pitta en kapha.
Voeding bezit eigenschappen om deze energieën te verhogen of te kalmeren. Afhankelijk van de dosha die overheerst in je constitutie kun je ervoor kiezen om bepaalde voeding wel of juist niet te nemen om meer in balans te komen [7,8]. Veel hooggevoeligen hebben een vata-constitutie of een constitutie waarbij het vata-element ondersteund moet worden.

schermafbeelding-2017-01-16-om-01-57-32

Supplementen ter ondersteuning
Bepaalde supplementen kunnen het zenuwstelsel ondersteunen, denk bijvoorbeeld aan magnesium, GABA (gamma-amino-boterzuur), taurine en ontspannende kruiden als ashwaganda, rhodiola, valeriaan, hop en passiebloem.

Overige leefadviezen voor een rustiger zenuwstelsel:
• Regelmatig slaappatroon: het hanteren van vaste tijden van naar bed gaan en opstaan, geeft het lichaamssysteem rust.
• Let op de stralingsbelasting: de belasting aan elektromagnetische frequenties is tegenwoordig enorm.
Mobiele telefoons, elektrische apparaten brengen het lichaamseigen elektrische systeem in de war.
Via bioresonantie kan bepaald worden in hoeverre straling een belastende factor is.
Preventieve maatregelen: zet ’s nachts de Wifi uit en de telefoon op vliegtuigstand.
Zet apparaten die niet gebruikt worden uit en haal de stekker uit het stopcontact.
• Adviseer dagelijkse meditatie of ademhalingsoefeningen (Alie Wouda geeft regelmatig meditatie trainingen en/of mindfulness trainingen)
Bij spanning en stress wordt de ademhaling automatisch hoog en oppervlakkig. Door regelmatig bewust door de neus te ademen, diep naar de onderbuik, wordt de linkeren rechterhersenhelft in balans gebracht.
Zo ontspant het lichaam.
Er zijn diverse ademoefeningen en ademmeditaties om naar een diepere, meer ontspannen ademhaling te komen. (Neem contact op met onderstaand email adres).

Welke voeding is juist?
Voeding is van grote invloed op onze ontwikkeling.
Bij wijze van spreken kunnen we iedere dag iets anders nodig hebben.
Echter vaak zijn er over langere periodes duidelijke patronen te ontdekken in wat juiste voeding voor ons is [1].

schermafbeelding-2017-01-16-om-01-58-52

De invloed van voeding op ons energetische systeem
De mens is een combinatie van een fysiek lichaam en een fijnstoffelijk systeem. Een goede voeding zorgt ervoor dat de hogere chakra’s in balans komen met de lagere.
Goede voeding draagt het vermogen in zich om de mens in evenwicht te brengen met zichzelf [1].
Wat heeft dit te maken met hooggevoeligheid?
Hooggevoeligheid gaat vaak gepaard met het niet in evenwicht zijn van het energetisch systeem van het lichaam.
Vaak zijn de hogere chakra’s meer geopend dan de lagere.
Op het gebied van bewustzijn draagt voeding het vermogen in zich om openend, verdichtend of doorstromingsbevorderend te werken.
Als voeding openend werkt, helpt ze de mens zich af te stemmen op zijn hogere bewustzijn.
Sluitende voeding heeft tot gevolg dat het contact met de hogere chakra’s verdicht wordt.
Men is zich dan vooral van zijn buik bewust.
De buik is dan niet in contact met de hogere chakra’s.
Bewustzijnsontwikkeling is er dan niet of nauwelijks.
Doorstromende voeding heeft tot effect dat het bewustzijn in de hogere chakra’s ademt tot in de stuit [1].
Afhankelijk van hoe gewenst het is dat iemand meer geaard is of niet kan men er voor kiezen om de voeding aan te passen.
Een aantal voorbeelden:
• Het eten van vlees zorgt ervoor dat iemand zich meer bewust wordt van zijn lichaam: werkt dus aardend.
• Fruit en groenten maken het mogelijk meer in contact te blijven met de fijnere dimensies van het lichaam.
• Graanproducten zitten qua werking tussen vlees en groenten/fruit in. (Maar in mijn praktijk zal ik toch iedereen adviseren om dit niet meer in te nemen).

Hooggevoeligheid en voorkomen van eetstoornis
Er zijn verschillende eetstoornissen zoals anorexia nervosa, boulimina nervosa of binge eating disorder.
Een diepe zelfafwijzing is vaak de basis van een eetstoornis.
De meeste mensen met een eetstoornis zijn hooggevoelig.
Een eetstoornis zorgt vaak voor het onderdrukken of tijdelijk uitschakelen van gevoelens.
Dat is de reden waarom het vaak voorkomt bij mensen die extra gevoelig zijn.
De eetstoornis is als het ware een vlucht.
Machteloosheid, zelfverwijt, het niet om kunnen gaan met de overweldigende prikkels uit de omgeving, het meer waarde hechten aan de mening van de ander dan het vertrouwen op jezelf, zijn allemaal factoren die een rol spelen bij een hooggevoelige met een eetstoornis.
Vaak is er een koppeling tussen eten en een schuldgevoel.
Dit schuldgevoel heeft ook vaak te maken met een laag gevoel van eigenwaarde, machteloosheid, zelfverwijt, schaamte en een negatief geloof over zichzelf. Dwangmatig eten is vaak moeilijk te veranderen.
Eten is namelijk iets wat we iedere dag doen.
We kunnen er nooit helemaal mee stoppen. Neem contact met me op info@natuurpraktijkaurora.nl

Vaak is het gevoel van onvrede aanleiding om te gaan eten of om helemaal niet te eten.
Het eten dient dan als het ware als compensatie voor het vervelende gevoel.
Het is goed om de koppeling die er bestaat tussen eten en het schuldgevoel los te maken.
Door er niet over te oordelen maar er met zachtheid naar te kijken en er begrip voor te hebben.
Welk gevoel zit achter schuldgevoel?
De kunst is het denken en het eten/ eetgedrag op één lijn te krijgen. Bewustwording en acceptatie spelen een fundamentele rol.
Het leren vertrouwen in/op jezelf en dingen doen die goed voor je voelen zijn belangrijk.
Je gevoel toelaten is erg belangrijk om een oplossing te vinden en om van je eetstoornis af te komen.
Een eetstoornis lijkt een oplossing te zijn voor hooggevoeligheid.
Door de hooggevoeligheid staan de poriën namelijk wijd open.
Een eetstoornis kan ervoor zorgen dat je de gevoelens buiten kunt houden.
Dit is echter een destructieve schijnoplossing.

Bron

img_2777Afspraak maken? Neem dan contact met me op info@natuurpraktijkaurora.nl

Referenties
1. Delnooz F. en Martinot P. Voeding en spiritualiteit. ISBN: 90 202 4367 5;
2. Sellin R. Leefboek hooggevoeligheid. ISBN: 978 90 8840 077 3;
3. Aaron EN. Het hoog sensitieve kind. ISBN:978 94 005 0257 4;
4. Veen van der G. Die andere gevoeligheid. Steenwijk LiHSK 2014;
5. Beuken van der M. Hooggevoeligheid als levenskunst. ISBN: 90 202 0164 6;
6. Geurtz J. De verslaving voorbij. ISBN: 978 90 263 1720 0;
7. Gottschal T. en de Waal Malefijt M. ’t Went zo’n element. ISBN: 90 5179 245 X;
8. Morrison J.H. Het boek ayurveda, de weg naar gezondheid en vitaliteit. ISBN: 90 389 0401 0.
9. opleiding nieuwe tijdskinderen (Havelte belgie)
10. Ortho-phyto